Archief voor de 'Bijzonder' categorie

okt 23 2013

Afsluiten seizoen: zelfstart examen

Publicatie van in Bijzonder

Vandaag weer een bijzondere dag gehad. Na een aantal pogingen, om deze dag te organiseren (vliegtuig, examinator, vliegweer…), is het vandaag zo ver. Ik ben twee jaar geleden begonnen met de voorbereiding van mijn zelfstart examen. Een lange tussenperiode volgde. Dit jaar geprobeerd een aandeel in een DG400 aan te schaffen, maar niet gelukt. Ik had naast het zweefvliegen ook tijd en geld geïnvesteerd in TMG vliegen. Vandaag kon ik de investering ten gelde maken…. -);
Ik hoop ook dat mijn ervaring met motorbediening (turbo) van de Ventus 2ct en de DuoDiscus-T me van pas komt. We shall see.

Voorbereiding

De afgelopen 2 weken heb ik dagelijks het handboek van de DG500M gelezen. Maar ook het document A Guide to Self-Launching Sailplane Operation van Eric Greenwell geeft een breed overzicht van de aspecten van de zelfstart. Daarnaast had ik van een collega vlieger op de TABOE (training aan beginnende overlandvliegers) dagen, een prachtige DG500M checklist gekregen. Een handig hulpmiddel voor het leren van de procedures.

DG500M

Ik ben erg blij dat het vandaag mogelijk is om met de DG500M te vliegen, van de eigenaren (o.a Wibro en Harrie), voor mijn examenvluchten.
dg500m
Naast de dagelijkse inspectie, nemen we extra tijd om de inspectie van de motor te doen. Handboeken lezen is leuk. Praktijk is nog leuker, maar zeker belangrijk.

Het weer – stevige wind

Op het informatiebord stond het…. Stevige wind.
dagrapport_23okt2013
Dat hebben we ervaren. We hadden meer baanlengte nodig dan normaal, maar ook het starten was behoorlijk bumpie. Je moest vandaag echt het koppie er bij houden. Ik was erg blij met mijn TMG ervaring.

Start

Het starten ging goed. Tip van de grond. Rijden op hoofdwiel. Loskomen en snelheid opbouwen. Daarna klimmen. Hieronder: vlak voor de start….. en weg.
start_dg500m

Landing

Bij één van de landingen is de oefening “landen met draaiende motor” gedaan. Geen gekke belevenis, als je TMG gevlogen hebt. Ging allemaal goed….
landing_motor_uit

Volgend jaar

Harrie, Wibro en Eddy bedankt! Ik kan terugkijken op een prachtige dag en nu vooruit kijken naar volgend jaar. Vol verwachting klopt het hart wat ik met de zelfstart aantekening ga doen -);.

No responses yet

aug 02 2013

Eerste buitenlanding

Publicatie van in Bijzonder,Overland

Het afgelopen jaar heb ik veel tijd moeten besteden aan werken. Vier uur reizen op acht uur werken. Hierdoor heb ik maar 2 overland vluchten kunnen maken in april en mei. Weinig tijd voor de hobby. Over die enkele vluchten in 2013 was ik wel content. Ontwikkeling in het (zelf) overland vliegen. Maar keer op keer werd ik er op geattendeerd dat het vreemd is dat ik al aardig wat heb overland gevlogen (6 uur in de Eifel, diverse keren in de Franse Alpen), maar nog nooit een buitenlanding had gemaakt. Deels is het natuurlijk mooi om je vlucht te beëindigen op je thuis veld, maar het wordt me duidelijk dat de ervaring van een buitenlanding van belang is. Zoveel vliegers zeggen het….

Checkstarts DuoXL

Ik had me ingeschreven voor een deze vliegdag op het zomerkamp. 40 inschrijvingen. Een topdag. Maar eens kijken hoe het met de verdeling van overland kisten uitkomt. Zo als het er naar uit ziet, geen overland kist vandaag…. Helaas. Ik heb mijn plan bijgesteld en ga voor het vliegen op de DuoXL. Na een aantal conversie starts ben ik gecheckt voor de DuoXL. Dat biedt weer perpectief.

Overland naar Salland

Om 14:30 zie ik dat er nog een LS4 ongebruikt staat en de hele dag nog niet gebruikt is. Ik vraag netjes of ik een overlandje kan maken. Gezien het tijdstip de opdracht maar naar Salland gezet. Ik zie dat de wolken al een beetje oplossen, wat ook voorspeld was op Wetterjetzt. Misschien is het vandaag dan zo’n dag: gewoon op pad gaan en een buitenlanding maken.

Op pad

Na de lierstart heb ik direct een bel, al stijgt het niet hard. Niet meer dan 1m/s. Later wordt het 2m/s. Ik ga naar zo’n 1000m en ga op pad. De favoriete route via Eerbeek ziet er blauw uit. Ik kies het pad via Apeldoorn, via wat plukjes. Nog een bel voor Apeldoorn. Maar daarna zie ik alleen maar wolkjes oplossen. Onder Apeldoorn liggen een aantal groenstroken. Met gewassen, akkers en grasvelden. Ik zie een prachtig gras veld en houd deze in gedachte. Ik ga verder om Apeldoorn noord te bereiken, omdat daar wat cumulus staan. Onderweg vet zakken van -3 en -4m/s. Omdraaien en boven de Apeldoorn nog op een halfje draaien. Dit gaat niks worden. Toch een eerste buitenlanding?

Buiten geland!

Op 400m neem ik het besluit. We gaan maar buitenlanden, want ik kan niet meer naar Lemelerveld en/of Terlet. Ik heb de diverse controles gedaan: windrichting via Seeyou, geen gewas, geen beesten, geen greppels, geen elektriciteitsdraden, vrij inzweef, grootte van het veld. Als extra optie zie ik dat er een weg aangrenzend aan het veld ligt. Das makkelijk voor de ophalers. Ik vlieg mijn circuit en merk toch dat je wat hoger aankomt, dan op je eigen veld. De kleppen zijn effectief genoeg en het veld is lang zat. Het landing gaat prima en ik laat de kist lekker uitrollen naar de andere kant van het veld. Daar is het hek om het veld te verlaten.


buitenlanding01
buitenlanding02

Na de landing loop ik naar de boerderij, die strak aan het veld ligt. Ik wordt hartelijk welkom geheten. Das mooi. Het veld is van een andere boer, maar het is prima zo, zegt de boer. Ik meld me bij de DDI en mijn ophaler. Ik ga lekker onder vleugel liggen, in de schaduw. Het is opmerkelijk dat vrouwen stoppen om te vragen of alles in orde is. Wat een belangstelling.

Ophalers

Omstreeks 18:15 komen de ophalers Dick en Fred. Geweldig mannen. We hebben de kist zo gedemonteerd en kunnen naar Terlet.


buitenlanding03

Op Terlet heerlijk samen een biertje drinken op deze dag. Mannen, bedankt voor het ophalen.

No responses yet

okt 23 2012

Toch nog LS8 gevlogen…

Publicatie van in Bijzonder

Gisteren was het een prachtige zonnige dag. Op het forum van de Gelderse werd geschreven dat het een geweldige vliegdag was geweest. Dat prikkelt toch. Ik had dit jaar tot doel om LS6 en LS8 te vliegen. Het vliegen op de LS6 was ruimschoots geslaag. Een het resultaat wareneen aantal vluchten van meer dan een uur. Alleen het vliegen op de LS8 was nog niet gelukt.

Vandaag LS8 vliegen

Dat was het doel voor vandaag! Afgestemd dat ik vrij kon nemen bij de klant en bij Rolf Beket, de trekker van de 2e week herfstkamp, gebeld voor de plannen van vandaag. Er wordt gevlogen. Niet zo mooi als gisteren…., maar het kan een bijzondere dag worden. Het handboek van de LS8 had ik al doorgenomen, toen de kist dit jaar bij de club binnen kwam. Vandaag de de snelheden nog even opgenomen uit de cockpit (kaartje aan de zijkant en op de snelheidsmeter de gekleurde ringen bekijken).

Proef zitten

Het proef zitten gaat lekker. De kap kan goed dicht en ik zit niet met mijn kop tegen de kap. Heerlijk dat er geen prikkeldraad stangen in mijn zicht zitten. De cockpit is overzichtelijk en ik kan overal goed bij.

Eerste start

De eerste start gaat prima. Ik kom op 450m. Het zicht is bijzonder door de band, die op gelijke hoogte zit van het vliegen. We houden separatie door pas te starten als de vorige kist op downwind gaat. Het ziet er prachtig uit.




In de eerste vlucht doe ik een aantal keer een overtrek oefening. Het valt me op dat het trillen, als teken van een aankomende overtrek, zich duidelijk aan dient. Je kunt het niet missen. Het opvangen gaat soepel. Daarna een aantal wisselbochten gemaakt. Het vliegt allemaal soepel. Heerlijk.
Netjes op 200m op circuit. Door de rustige lucht verlies ik weinig hoogte. Het dwarswindbeen wordt dus regelbeen! Kleppen trekken. Bij het indraaien naar final pikt de kist wat snelheid op. Even opvangen en de landing inzetten. Het lukt me de kist kort te landen bij de doellandingslappen. Geslaagde vlucht.

Zuinig vliegen

In de tweede start heb ik lekker zuinig gevlogen. Zo lang mogelijk rechtuit vliegen en gewoon genieten. Ook deze landing is weer in de lappen. Dat voelt goed.

Overvliegen

Met de vorige club kon ik regelmatig een kist overvliegen naar de hangaar. Nu we de kisten in deze periode ook in de hangaar opgesteld hebben, meld ik me graag aan voor het overvliegen. Weer een prachtige ervaring. Tijdens deze vlucht met meer snelheid gevlogen om te kijken hoe de kist zich gedraagd. Ook een aantal steile bochten gemaakt.

En… met 3 LS8 vluchten en gezellige mensen op het veld, was het weer een bijzondere dag!

No responses yet

aug 22 2012

Arcus T vliegen

Publicatie van in Bergvliegen,Bijzonder,Overland

De afgelopen maanden heeft het zweefvliegen in de ijskast gestaan. Een werkopdracht in het westen van het land, met 4 uur reizen per dag, is hiervan de oorzaak. Natuurlijk gaat werk voor zweefvliegen, maar de ontspanning van het periodiek zweefvliegen mis ik wel!

Bergvliegen 2012

Elk jaar staat bergvliegen op de agenda. Ook dit jaar weer. Vorig jaar reeds geboekt, zodat we naar Serres kunnen. Door het opzeggen van lidmaatschap van de Duitse zweefvliegclub, hebben we niet meer de beschikking over de DuoDiscus-T of Ventus 2cT.

Afgelopen winter hebben we daarom naar alternatieven gekeken.

Arcus-T

We zijn uitgekomen op een geweldige charter mogelijkheid: een Arcus-T. Geen onaardig resultaat, dacht ik zo. De afgelopen weken het handboek en de Zander manual gelezen. De kist is als in Frankrijk, dus we hoeven niet met de aanhanger te rijden. Deze week worden de tassen weer gepakt. De video camera’s zijn weer paraat. Wordt vervolgd!

No responses yet

apr 06 2012

Goede vrijdag – LS6 vliegdag

Publicatie van in Bijzonder,Terlet

Vandaag op goede vrijdag gevlogen. Ik moest aan die enquêtes denken, waarbij mensen gevraagd worden of ze nog weten wat “goede vrijdag” (het lijden en sterven van Jezus) en “pasen” (opstanding van Jezus) is. Het zal toch niet zijn dat de piloten op Terlet denken dat er eieren zijn verstopt liggen rondom de baan 30….

Kruisjeslijst 2012

Op Golgotha stonden 3 kruizen. Op de GeZC kruisjeslijst 2012 staan 7 type kisten genoemd.

Gisteren de lijst bestudeerd en volgens de lijst kan ik lokaal met de LS6 vliegen. Ik heb voldoende solo uren/overland/bergvliegen/LS3(flaps) en Ventus 2cT (flaps) gevlogen. Op donderdagavond het handboek uit 1994 doorgelezen. Zou dit de laaste versie zijn? -); Voorbereiding is het halve werk. Kijken of het een “goede vrijdag” gaat worden.

Briefing en opbouwen

In overleg met de DDI mag de LS6 mee voor lokaal vliegen. Later meld Jan-Willem zich ook om met de LS6 een overland vlucht te maken. Samen de kist opbouwen en ervaringen uitwisselen.

We kiezen voor de 18m variant en plaatsen de opzet tippen.

De cockpit

De cockpit ziet er verzorgt uit: LX5000 vlucht computer, Flarm, transponder.



Een klein min puntje, vind ik, is dat er geen houder voor je PDA aanwezig is. Hierdoor moet ik de volgende keer een zuignap mee nemen. Aan de rechterzijde , ter hoogte van je been, van het instrumenten paneel zit een USB plug, voor de voeding van je PDA.

Invliegen

Ik spreek met Jan-Willem af dat ik 2 vluchtjes maak om de kist te leren kennen. Daarna kan de kist overland. Ik zit lekker in de kist. De bergschoenen zitten wat krap bij de pedalen, maar het gaat. Met deze temperaturen geef ik de voorkeur aan de bergschoen….

De eerste vlucht was 1 uur en 14 minuten. Daarin diverse zaken uitgeprobeerd. Ik merk meteen dat ik wat water in de staart mis. De trim staat dan helemaal naar achteren en de knuppel is volledig getrokken bij het thermieken. Dit had ik al ingeschat bij het lezen van het handboek, maar vandaag gaat er nog een ander mee vliegen. Vandaar hebben we er geen water in gedaan. In deze vlucht heb ik de diverse flap standen uitgeprobeerd. Hoe is het overtrek gedrag bij de verschillende flappen stand. De kist voelt goed aan en is vergelijkbaar met de Ventus. Ik wordt opgeroepen dat Jan-Willem overland wil. Het is tijd om te landen. De vlucht heb ik afgesloten met een aangekondigde doellanding. Die heb ik natuurlijk even door de DDI laten aftekenen!

 
De tweede vlucht duurde ruim een uur. Daarin heb ik o.a. het steken met de kist uitgeprobeerd. Eerst naar Arnhem gevlogen. Vanaf “winkelcentrum Presikhaaf” terug gevlogen, vanaf 1000m, met flap stand -5. De kist vliegt met de hogere snelheden lekker stabiel. Ten oosten van Terlet aangekomen, heb ik nog geen 100m verloren. Slippen in de landing is niet toegestaan ivm de effectieve remkleppen. Dan maar even een slip oefening in de lucht. Dat gaat naar behoren. Ik gebruik de vlucht ook maar even om de andere kant, anders dan mijn voorkeur richting, uit te thermieken. Ook de tweede landing kan ik een doellanding produceren.

De vrijdag was weer goed

Hier zit weer een tevreden man. Het was vandaag inderdaad een “goede vrijdag”.

Ik hoop de volgende keer met de LS6 vanaf de beneden strip te kunnen starten en zodanig ook een landing op de beneden strip te laten zien. Ik zit me alleen suf te praktiseren hoe ik een (bewuste) buitenlanding moet produceren? Ik ben al eerder op Salland geland. Dat is toch ook een buitenlanding?
Ik hoop dat het solo overland vliegen dit jaar “van de grond” komt!

No responses yet

nov 08 2011

Zweefvlieg depressie

Publicatie van in Bijzonder

De winter periode nadert. De blaadjes vallen. Je gaat met donker naar je werk en je komt met donker terug. Dit is voor veel mensen een periode om lichtelijk depressief van te worden.

Ook zweefvliegers hebben hier wel eens last van. Zolang ze maar op een veld zijn, en daarna snel de lucht in, is er niks aan de hand. Maar nu die herfstperiode….

Om het geheel nog eens te bevestigen kreeg is van zweefvlieg maat Bernd een plaatje van de “potentiële vliegafstand”.


De enigste kleur in het plaatje, zit in de legenda…. Daar moeten we het de aankomende maanden mee doen.

Ik hoop nog wel een keer naar Porta Westfalia te kunnen. Laat het maar lekker waaien in de herfst!

No responses yet

sep 12 2011

Interview met Hans Groeneveld

Publicatie van in Bijzonder

Inleiding

Meer dan een jaar geleden had ik mezelf voorgenomen: “Ik wil Hans Groeneveld graag interviewen voor een verhaal op de thermiekfabriek…..”. Hans is een bijzonder mens. Iedereen op Terlet heeft hem wel eens gezien of gesproken. Velen van ons hebben wel een anekdote met Hans.
Voor mij is Hans een bijzonder mens om twee redenen.

  • Hans vertelde me eens: Als mensen komen op Terlet om te leren zweefvliegen kijken ze meestal naar de grond. Tegen de tijd dat ze een brevet hebben kijken ze naar de wolken….
  • Op 30 juni 2006 heeft Hans mij solo gelaten! Ik had die dag drie prachtige lesvluchten met Hans. De laatste vlucht was ruim lokaal. Vliegen naar het industrie terrein van Eerbeek. Aldaar op 900m vertrokken en het eerste onderricht over McCready vliegen uitgelegd gekregen. Na de landing krijg ik opdracht “nog een bon te doen”. Als ik terugkom, moet ik gaan zitten en Hans pakt zijn plastic tas met spullen (die altijd achterin de ASK21 lag). “De kist is nu voor jou….” Een typische “Hans” manier om je solo te laten….

Voor dit interview heb ik diverse mensen op terlet gevraagd: “Welke vraag zou ik aan Hans moeten stellen, om een goed beeld van hem te krijgen….

Hoe ben je met zweefvliegen in aanraking gekomen?

In jonge jaren in de Grunau Baby.
Op de HTS, trof ik een jongen die op Terlet had gevlogen. “Bestaat zo iets”, dacht ik. Ik heb toen de gegevens overgenomen en me bij Terlet aangemeld. In 1952 heb ik met een “scholierencursus” meegedaan. Ik moest toen ook in militaire dienst. Ik ben terug naar Terlet gegaan i.v.m verlof opmaken. De toenmalige directeur, dhr. Manting, vroeg me om te gaan lieren omdat de lierman niet was komen opdraven. “Ik heb dat nog nooit gedaan”, antwoordde Hans. Een instructeur komt wel naast je zitten, was het antwoord van Manting.. Twee cursussen lang heb ik toen gelierd.

Ik wilde leren vliegen. Ik heb gevraagd bij dhr Manting om praktijk te mogen opdoen. Ik kon in de werkplaats meewerken. Dat heb ik drie jaar lang gedaan. Ik was zeg maar de rechter hand van dhr. Vleesch du Bois. Ik heb daar allerlei dingen mogen leren. Naast het werken in de werkplaats, heb ik ’s avond de theorie gedaan voor het zweefvliegen én voor instructeur.

Toen was ik solo, maar had nog geen zweefvliegbewijs. Er kwam een instructeursplaats vrij en ben weer naar dhr. Manting gegaan. Kan ik daar op solliciteren? “Daar had ik al aan gedacht”, was het antwoord van Manting. Vanaf 1957 ben ik volledig instructeur op Terlet geworden. Toen heette dat “de school”, van het nationaal zweefvliegcentrum Terlet.
Hans zijn eerste logboek

Was het vroeger moeilijker/makkelijker om instructeur te worden?

Ik dacht dat het vroeger wat makkelijker was. De theorie is moeilijker geworden, zoals dat met veel dingen is. De praktijk is ongeveer het zelfde als bij “Pa Rood”, zo noemde we hem, diewas instructeur en coachte me. We noemde hem “Pa Rood” omdat hij al op leeftijd was. Dus coaches, we noemen het nu mentoren, hadden we vroeger ook.

Wij kennen nu de lierstart en de sleepstart. Heb jij nog andere methoden meegemaakt?

Nee, ik heb alleen maar lierstarts gedaan. “En achter de auto dan?”, is mijn vraag. Nee, dat heb ik nooit gedaan. Dat heeft hier nooit ingang gehad. Er zijn wel proeven in Friesland geweest, maar daar is men blijkbaar van afgestapt omdat het niet beviel. “En de rubberkabel, zoals in Engeland?” Daar werd je mee van een heuvel af gestart en daar kreeg je je beginsnelheid mee. Je dook dan een dal in. Die heuvels zoals in Engeland hebben we hier niet, dus dat heeft hier geen zin gehad. Er is een korte tijd geweest, in de jaren voor de oorlog, dat hier op de Galgenberg er ook met een rubber kabel werd gewerkt. Maar dat was voor mijn tijd. Met een paard werd de rubber kabel uit gelopen. De mensen hielden dan de kist vast. Bij “los” ging het vliegtuig los en het paard over de kop…. Hans lacht zich rot…. Het was het paard van de boer aan de overkant van Terlet.

Vandaag de dag hebben we een rookverbod op het veld. Was dat vroeger ook zo?

We hebben de afgelopen jaren een paar keer een hitte golf gehad. Dat komt zo nu en dan voor. In die periode is er een rookverbod gekomen. Alles was droog en stond op punt van in brand vliegen. Maar in de jaren 60 rookte men wel eens op de strip of in een kist?

Er is een verhaal van iemand, in de jaren 50, die rookte in een Olympia en dat vliegtuig is helemaal afgebrand. Er waren vonken van de sigaret gevallen in de kist, tijdens het vliegen, en de strootjes in de kist hadden vlam gehad. De vlieger had dit in eerste instantie niet in de gaten, want omdat je vliegt gaat de rook naar achter, maar later, toen ie het merkte heeft hij de kist nog wel kunnen landen…. Dat vliegtuig was toen total-los. Dit kwam toen voor de ongevallenraad en daarna kwam er een besluit van “niet meer roken”.

Nog een mooi verhaal, zegt Hans: Er kwam een professor bij de Delftse Studenten. Die kwam kijken en meevliegen. Die had een sigaar in z’n mond en hing voorover in een Ka7. Een Ka7 heeft een staalbuizenromp, met linnen bespannen. Er viel toen vuur van zijn sigaar en de hele kist ging in de brand. Er was geen GSM of portabel, in die tijd. Dus wie holt er even naar de telefoon om de brandweer te bellen. Dat duurde dus even en ondertussen was de kist al uitgebrand. De man aan de telefoon schoot daverend in de lach, want de brandweerman had gezegd “we komen niet, want een zweefvliegtuig kan niet branden, omdat er geen motor in zit…”

Hoe veel starts heb je tot nu gemaakt?

Ruim 42000 starts, op basis van de laatste telling van december 2010. Ik het begin maak je heel veel korte starts. Dat zie je in mijn logboek. Later worden dat wat langere luchten. Als instructeur maakte je bij zo’n schoolierencursus wel 12 tot 15 starts op een dag. Ja, dan gaat het hard.

Heb je ook een bijzondere herinnering?

Hans pakt een foto uit zijn archief erbij en begint te vertellen….

“Hans in volledig tenue”, om de “Sky van Wills” terug te slepen naar Engeland. Je had twee trui-en aan en een overall. Een bril, voor het geval de kap kapot ging. Een zwemvest aan.
Jan Minoli was de sleepvlieger. Eerst naar Rotterdam (uitboeken bij de douane), vandaar naar Gent. De volgende dag de oversteek naar Engeland (Limpne).
(Sky van Slingby). De kist was van “Philip Wills”, toenmalige kampioen van Engeland, gekocht en werd weer terug verkocht aan een Engelse club.
Henk Frohwein heeft deze foto gemaakt.

Je maakt gedurende de dag veel aantekeningen. Wat doe je daar mee?

Ik was toen chef-instructeur geworden. Aan het einde van dat jaar moest ik een jaarverslag maken voorde Rijks Luchtvaart Dienst van dhr. Manting, want dat deed mijn voorganger ook. Het was toen even moeilijk om zo’n verslag te maken, als je geen aantekeningen hebt. Uiteindelijk wel gelukt, maar ik dacht “dat moet volgend jaar anders…”. Zo ben ik voorzichtig begonnen om vast te leggen wat er zo op een vliegdag gebeurde. Dat kon gaan over: het weer, bepaalde verschijnselen, wie was de lierman, welke baan, wie is er solo of overland gegaan. Soms schreef ik per week, soms per dag. Afhankelijk van de bijzonderheden. De meeste ordners zijn nu opgeslagen in het luchtvaart historisch archief.

Hans pakt een plastic tas en haalt daar een ordner uit met allerlei dagrapporten. We bladeren er wat door en bekijken een aantal voorbeelden. Ik vraag: Dan heb je misschien ook wel de aantekening dat ik solo ben gekomen in 2006…?. Niet hier, want dit is alleen 2009 en 2010. Hans slaat een willekeurige bladzijde open en…..




Je kunt je voorstellen, ik sta perplex. Is dit toeval of niet……

Hoe ben je aan het “Hans Groeneveldplein” gekomen?


Dat is door Aemelie de Jong geregeld. Ik had toen dienst op het veld. Op een gegeven moment zeiden ze dat ik iemand moest rondvliegen. Hij kwam in de verte over het veld aanlopen. En ik kijken. “Die vent ken ik van televisie…”. Het was Jos Brink. Samen hebben we een lokale vlucht gemaakt, waarbij ik voor de hangaar moest landen. Ondertussen hadden zich daar vele mensen verzameld en werd het me duidelijk dat er een TV programma werd opgenomen. Dat heette “zondagskinderen”. Toen is ook het bord onthult.

Op wat voor een bijzondere vliegtuigen heb je vlogen?

ESG – Erste Schul Gleiter
Foto: Jacco Otten
Ik heb wel op zo’n 20 zweefvliegtuigen , 20 motorvliegtuigen gevlogen.
De ESG (Erste Schul Gleiter) was de eerste kist waar ik mee heb gevlogen. Dat was een vleugel en een plankje waar je op zat. Aan de balk kon je je vasthouden en je zat in de buitenlucht. Je werd opgelierd.

Ook heb ik op een Ka7 met 3 motoren gevlogen. Er was een Duitser, die de hobby had om motoren op een zweefvliegtuigen te monteren. Hij had geen geld voor motor vliegtuigen….. Ik mocht er een keer op mee. Hier op Terlet. De betreffende man (Eckhard Bruns), vloog hier op Terlet.

Overland vliegen – ligt dat jou?

Nou, eigenlijk niet. Ik heb wel aan wedstrijden meegevlogen. En daar kreeg je dan ook een oorkonde van. Ik had toe de 8e plaats van 30 man. Foto Links: Manting overhandigde Hans de oorkonde van het overlandvliegen. Op de achtergrond een Sagitta. Foto rechts: de oorkonde die ik kreeg op een van de wedstrijden. De directeur Manting tekende/kleurde de oorkonde zelf in. Dat heb ik dus 4 keer gedaan. De nationale kampioenschappen, daar nam ik toen aan deel. Omdat ook eens gedaan te hebben.

Maar daarna werd ik chef-instructeur en toen kreeg ik het zo druk met cursussen organiseren. Dat legde zo beslag op me, dat ik geen tijd had om wedstrijden te vliegen. Ik kwam toen niet meer van Terlet af. Op de foto hieronder, ben ik instructeur bij een scholierencursus.



Schoollieren cursus met Gö-4 Gouvier), met leerlingen.

Ik woonde toen op Terlet, in de oude Thermiekbel (die er nu niet meer staat, eigenlijk achter de huidige Thermiekbel, op de parkeerplaats.). Ik heb er 15 jaar gewoond. Ik had een kamertje, als slaapkamer, mijn kantoor en een opslagruimte. Daar had ik ook de zuurstof apparatuur opgeslagen voor 10 kisten. Daar heb ik ook mijn B3 studie, commercieel pilot, gedaan. En mijn brevet behaald.

In die 4 jaar heb ik zo’n 20 overland vluchten gevlogen. Ik geloof dat ik bij alle vluchten ook buiten geland ben. Ja, één keer ben ik op mijn doel terecht gekomen. Op vliegveld Seppe.
Ik heb dus wel overland ervaring gehad.

Het overlandvliegen werd, in de jaren 70 ook beter, dan de periode daar voor. De kisten waren beter geworden, dus je kon langer boven blijven.

Ik heb je vaak in de DG505 zien zitten….

Ik ging dan de LX7007 bestuderen. Ik was eigenlijk net zo ver dat ik het apparaat goed begreep, want het boekje gaf aan wat je er mee kon doen, maar gaf niet aan “hoe”. Ik zat dan ik de kist om dat te leren en dat lukte met grote moeite. Als je alles zelf uit moet vinden, dan ben je even zoet. Toen was ik zo ver en toen stortte de SZT in. Ik heb wel een mooie vlucht met Dick ter Sla gevlogen om de LX7007 te leren kennen.

Hoe is het om nu met een prestatie kist te vliegen?

Nou, ik heb kort geleden mee mogen vliegen op de DG1000, op uitnodiging van Piet van der Berg.

Geweldig om dan een prestatie vlucht mee te maken en te zien hoe dat dolfijnen gaat.

Daar zat weer een andere computer in, een Zander.

Foto: Thei Bongers

Ben jij ook actief geweest op het gebied van bergvliegen?

Ja, in 1959 had Kees Guldemond, die toen de vertegenwoordiger van Schleicher was, een verhaal over golfstijgwind in Frankrijk. Zo kwam hij op het veld van Issoire, in de beurt van Clermont-Ferrand. Dat verhaal vertelde hij, boven in de tekenkamer, aan Dick Réparon en Piet Alsema. We hebben toe de koppen bij elkaar gestoken en gezegd, als we dat nou eens gaan bekijken…
Het veld werd bekeken en vluchten gemaakt. Twee jaar later was Jos Krols erbij en die had wel zin om met een kist naar Issoire te gaan. Dit hebben we geregeld met de heer Manting. En hij vond het goed. We hebben toen zelf zuurstof in een kist ingebouwd. Aanhanger gereed gemaakt. En we hebben daar dus kennis opgedaan, m.b.v een Ka6.
We waren toen zo enthousiast, dat we begonnen zijn een cursus te geven vanaf december/januari/februari. Drie kisten mee naar Issoire. Zes man per week, om golfstijgwind vluchten te maken (als dat er was…) Als ik alles op tel, heb ik daar in totaal 6 maanden gezeten (in 6 jaar).

We hadden ook een Ka7, tweezitter, die we gebruikten voor de instructie. Ik had een dictaat van de Fransen. Dat heb ik vertaald naar lesmateriaal en elke cursist kreeg een exemplaar. Ook hebben we op Terlet een “Golfstijgdag” georganiseerd, over velden Inssbruck en Issoire . ’s ochtends vertelde Guldemond over Inssbruck en ik vertelde over Issoire. In Issoire was je verplicht om een motor vlucht te maken met een instructeur om de omgeving te leren kennen. Omdat ik ook motorvlieger was, was ik uitgecheckt om namens de Fransen ook dat soort checkvluchten te maken met de Nederlandse vliegers. Ik mocht als Nederlander op de Franse kisten de Nederlanders uitchecken.

Ben je later mee gegaan naar Aosta of Gap?

Nee, want de ondernemingen naar Issoire die kostten dus geld. Je was er met 3 instructeurs. Dat werd te duur. Daar ging de streep door. Ik had er begrip voor. Mensen gingen dat zelf organiseren, omdat ze de cursus hadden gevolgd. Soms ging dat naar Inssbruck, vanwege de taal. Inssbruck was echter vaak druk en ook soms turbulent. Henk Frohwein is toen degene geweest die de organisatie naar Aosta op zich heeft genomen. Dat is jaren door gegaan. Ik had het toen al gezien, maar ben toen niet mee gaan. Henk Frohwein was ook degene die GAP geïntroduceerd heeft. Hij had dat gehoord of in een blaadje gelezen.

Je bent ook ere-lid. Wat betekend dat voor je?

Nee, ik ben bij diverse club lid geweest. Met de scholierencursus was ik natuurlijk geen lid. Ik woonde in Beverwijk. Ik moest toen lid zijn van een club. Dat werd de Zaanse. Daar kon ik op de fiets naar toe (Castricum). Toen ging ik in militaire dienst. Er kwamen ook clubs op de vliegbasis. Ook militairen gingen dus mee doen. Ik was militair. Kostte niks. Zo ben ik lid van Klu-Deelen geworden. Was in de 1955. Daarna ben ik, na mijn diensttijd, op Terlet gekomen en heb mijn lidmaatschap bij de Zaanse er aan gegeven. En ook van Deelen. Omdat ik op Terlet instructeur was, vloog ik hier elke dag.

Werd het hier als club gezien?

Nee, het was het Nationaal Zweefvliegcentrum van Terlet. Ook wel de “de school’ genoemd. Waar heel Nederland kon komen, om elke dag te vliegen en prestatie vliegen te leren. Joop van Leeuwen en ik hebben het slepen hier opgezet. Met een Tigermoth. Je huurde twee weken een kist en je gaf 2 weken les. Zo ging dat. Terlet was gewoon een mogelijkheid, buiten je club om, om op het nationale centrum gebruik te maken van die faciliteiten. Je moest wel ergens clublid zijn, om hier te mogen vliegen. En je moest natuurlijk betalen voor de starts. Ik heb nog bonnen van 2 euro 50. Relatief was dat laag.

De Gelderse vond eigenlijk dat de 3 beroepsinstructeurs, die we toen hadden in Nederland, lid moesten worden. Want de Gelderse gebruikte het centrum ook. Ze hadden profijt dat we er waren. Ik gebruikte dat nooit, omdat ik al bij de school vloog. Daarna kwam er ook nog een beroepsinstructeur op Salland.
Dat lidmaatschap bij de Gelderse verwaterde, maar nu ben ik weer lid van de Gelderse. Ze hadden me al een keer gevraagd, maar ik wilde eerst kijken hoe het met de SZT afliep. En nu ben ik dus lid bij de Gelderse.

Je hebt vaak dezelfde soort “out-fit” aan op het veld. Voorkeur?

Ja, ik loopt er altijd wat sjofeltjes bij. Een beetje in oude rotzooi, zou je kunnen zeggen. Als je in schone spullen loopt, is het in 1 dag vuil. Mensen kennen me zo. Een oude vliegers over-all, grote zonnebril. Paperclip er aan. Maar ook hele oude schoenen.
Vooral die, waren vaak mikpunt van hilariteit. De gaten zaten overal, mijn tenen staken uit en de zolen stonden open. Ik liep de schoenen helemaal af. Goede schoenen waren in no-time naar z’n moer. En als je kloten had, zaten die in no-time in je schoenen….. Door de turbulentie…

(Er wordt samen even hard gelachen).

Waarom drinkt Hans geen bier meer, zoals vroeger?

De oorspong lag hier in. Ik ging toen samenleven en verdween van Terlet. Ik had toen nog wel dezelfde gewoontes. Ik had dan wel eens zitten te pimpelen en ging dan met de bus naar huis. Ik kon er wel tegen, dat bier. Thuis gekomen, zakte ik in de stoel. Mijn vriend had dan eten gekookt en daar had ik geen zin meer in. Doe mij maar een biertje..
Op een keer werd hij, begrijpelijk, daar erg kwaad over. Ik dacht: “Hij heeft daar gelijk in.” Van de ene op de andere dag heb ik daar mee gebroken. Ik drink nu mijn pilsje, ’s avonds , als ik thuis ben. En daarbij komt dat je wat moet minderen als je ouder wordt, omdat je organen minder kunnen verwerken….

Wat is een Hans Groeneveld briefing?

Vroeger gaf ik de briefing in de thermiekbel. De oude thermiekbel wel te verstaan. Met wat bier in je lijf van de vorige avond, ging het praten wel wat makkelijker en maakte ik er altijd wel wat leuks van. Op de strip hoorde je dan wel van mensen dat ze speciaal naar de briefing kwamen, omdat ze de gezelligheid niet wilde missen. Er waren soms ook mensen op de briefing, die helemaal niet kwamen vliegen. Gewoon voor de briefing…. Dat vond ik wel prachtig.

Wat is kruk-as thermiek?

Ja, in de briefings had ik allerlei termen om uit te leggen. Inderdaad, kruk-as thermiek was er een van. In een thermiekbel heb je niet altijd continue stijgen. Aan de ene kant gaat het naar beneden en de andere kan naar boven. Heel eenvoudig dus. De kunst is dus om in het ritme van de kruk-as omhoog te gaan.

Je komt altijd met de bus. Heb je geen rijbewijs?

Ja, ik heb wel een rijbewijs. Het is ook geldig. Ik heb thuis een auto. Mijn vriend rijd er mee. We willen de auto wel heel houden. Overal staat een agent en overal krijg je een boete voor. Daar ga ik de staatskas niet mee spekken…..

Ja, er kwam een man op het veld met het verhaal dat die een oude vliegkaart bij zich had bij het vliegen. Eigenlijk moet ik je een boete geven, hadden ze tegen hem gezegd. Toen schrok ik zo. “Beginnen ze nu met dat gezeik ook op het vliegveld…”. Toen knapte ik goed af op het overland vliegen en het motorvliegen. Dan blijf ik liever lokaal vliegen……

Ik had hier 15 jaar gewoond en toen ging ik samenwonen. Ik kon toen goed met de bus hier naar toe. De verbinding was goed en het was goedkoper dan de auto. Ik ga maar lekker met de bus….. Zo ben ik er aan gewend geraakt. Voor mijn werk had ik de auto niet nodig.

Wie is Hans Potter?

Ja, dat is een mooi verhaal. Ik had de briefing gegeven en we gingen naar de hangaar. Er was echter niemand bij de hangaar en heb toen maar een stoel gepakt en een rode kegel op mijn hoofd gezet. Peter Jansen, van het Service Center Terlet, die prachtige films maakt over zweefvliegen heeft toen het hele verhaal gefilmd. Zo is Hans Potter geboren….

Met dank aan Peter Jansen voor het plaatsen van de film.

Waarom verzamel je rouwkaarten van overleden vliegers?

Nou, ik heb 30 jaar lang beschreven wat er elke dag op het zweefvliegveld gebeurde. Dat kwam omdat Jan Minoli, die chef-instructeur was, uitgebreide jaarverslagen maakte voor de Rijks luchtvaart dienst. Nu moest ik dat doen van Manting. Had ik dat maar geweten, dan had ik informatie gedurende het jaar verzamelt. Dus ik ben op mijn kantoor gaan zitten en bedacht “wat is er allemaal gebeurt”. Ik ga het voortaan maar vastleggen. Je begint bescheiden. Per week, wat notities. Het gaat een eigen leven lijden. Zo is bij mij de standaard gekomen, om een dagverslag te schrijven. Het weer, de lier…
In de laatste 10 jaar, toen kwam er een overlijdensbericht op het bord. Ik heb de kaart eraf gehaald en bewaard. Die duw ik ook maar in dat verslag. Een verfraaiing aan het verslag. Zo onttrek je die mensen aan de vergetelheid. Het waren toch zweefvliegers….

Zou er zweefvliegen zijn na de dood?

Ja, dat is een titel van een boekje. Ken je dat? Er is ook een boekje “Naakt over de strip!”. Dat is een verhaal apart. In de jaren 60 kwam Bep Muis. Dat was een aparte vrouw. Leerde zweefvliegen. Hoorde er bij. Die kwam per taxi naar het veld. Niet met de bus of auto. Ik heb wel eens meegereden in de taxi. Die Bep Muis, schreef een boekje, een bundel velletjes. De titel “Naakt over de strip”, maar dat was beeldspraak.
Zei schreef later het boekje “Is er zweefvliegen na de dood…”

Je hebt nu zoveel jaren gevlogen.. Had je het anders over willen doen?

Nee, het uitgangspunt is altijd geweest “Ik wil vliegen!” Dat kwam door de oorlog. Ik zag tientallen bommenwerpers over mijn pet komen. Ik zei tegen mijn broer Leo, als de sirenes gaan moeten we op het dak. Anderen gingen de schuilkelders in, maar wij het dakkie van de schuur op. Ik heb toen boekjes en bouwkartons gekocht. “Ik wil vlieger worden….”
Ik droeg een bril, dus dat ging toen niet. Tot dat ik op de HTS in contact kwam, via die jongen, met zweefvliegen. Zo ben ik toch met het vliegen in aanraking gekomen. Een goede plaatsvervanger, om beroeps vlieger te worden. Daar ben ik erg content over.

Slotwoord

Ik bedank Hans voor zijn tijd en openhartigheid. Ik (wij) heb(ben) even inkijk gehad in het prachtige leven van Hans Groeneveld!

32 responses so far

aug 29 2011

Serres 2011 – solo in de bergen

Publicatie van in Bergvliegen,Bijzonder

Dit is mijn 5e jaar dat ik in de bergen vlieg. Eerst met de SZT op “vakantie” in Gap-tallard, om te proeven wat bergvliegen is. Daarna met vliegmaat Rene de andere jaren invulling gegeven. Eerst gingen we alleen met de Duodiscus, maar nu gaat ook een tweede kist mee. De ventus 2Ct!
Dan komt de vraag: “Ben je er klaar voor…”?
Vorig jaar had ik al een vlucht op de Duo gemaakt, waarbij ik 95% van de vlucht zelf invulling moest geven. Dan weet je hoe dat voelt. Ik had me er al op voorbereid, door nog een extra ventus vlucht te maken en een aantal checks te doen.

Gisteren had ik weer een Duo vlucht waar ik het grootste gedeelte voor mijn rekening moest nemen. De “mindsetting” was er dus. Laat maar komen, die solo vlucht.

Voorbereiding

Vandaag is de Ventus “mijn kistje”… Zo voelt dat. Alles gereed maken: poetsen, accu’s erin, parachute erin, instrumenten instellen, proef zitten, A inspectie. De rij van kisten is beduidend langer dan gisteren en dat is niet gunstig voor mij. Rene start vandaag met Uwe in de Duo, maar die staat voor aan in de rij van tweezitters. We kunnen dus niet samen optrekken. All on my own….

Start

De eerste kisten in de rij werden 10 km verder op afgezet, tegen de helling bij Aspres. Later op de dag werd mtgne d’Anjour (foto links) gekozen. Ik had de eer om de eerste piloot te zijn om het te proberen…. De sleep gaat goed. De wind staat goed op de helling. Eerst wat achtjes draaien. Daarna thermiek cirkelen boven de kam. Als ik genoeg hoogte heb durf ik af te vliegen. Op naar de Malaup, via de Crete des Selles.

Het debacle van de Malaup

Achter de Crete des Selles zakt het als een baksteen. Gas erop en naar de Tete de Boursier, die voor de Maloup ligt. Dit is een huisberg van Gap-Tallard, waar je wel bij afgezet wordt. Dan wel boven de kam… Ik kom op kam hoogte aan en moet maar zien of die het doet. Het zakken en het stijgen volgen zich keer op keer op. Niet effectief. Rustig blijven is het advies! Ik heb Gap-Tallard in de Cambrigde gezet, zodat ik altijd terug kan vliegen.Om een lang verhaal kort te maken…: Het kost me veel tijd en geduld om hoogte te winnen…. Het lukt me om op 2400m te komen en durf de oversteek te maken naar Mtgne de Jouere.

Vogels – de aanwijzers

Bij de Mtgne de Jouere doet de helling het goed. Ik vlieg hem even af waar het meeste stijgen zit. Bij een 3m bel ga ik draaien. Ik zit ruim boven de kam. De vogels, ik denk dat het buizerds zijn, vliegen mee. Of vlieg ik met hen mee…. Ik bereik zo’n 2600m en ga naar de Tete de Grosse.

Tete de Grosse

Ondertussen nog een goede bel gevonden, voordat ik bij Tete de Grosse aankom. Bij het bergvliegen is het belangrijk dat je de bergnamen uit je hoofd leert. Bepaalde bergen herken, door bepaalde typering. De Tete de Grosse is herkenbaar aan het meertje op de berg, dat als drinkwater voor de dieren dient. Een hele geruststelling, als je de bergen zo kunt herkennen.

Op naar het Parcour

Het is gek. Toen met de SZT mee ging naar GAP was het parcour voor ervaren en snelle vliegers. Daar hebben “vlakke land vliegers” niks te zoeken. Ik ben nu 5 jaar verder en ik vlieg naar het parcour. Niet voor de eerste keer. Elk jaar, na het SZT kamp, ben ik met vliegmaat Rene naar het parcour gevlogen. Zo heb ik de pracht en de gevaren onderwezen gekregen.

Dormilouse

Ik vlieg naar de Domilouse, die onderdeel uit maakt van het parcour. Onderweg pak ik toch een bel mee en win 200m. Dat geeft rust bij het aanvliegen. Ik kom op kam hoogte aan en de helling doet het goed. het is redelijk druk, want het is een prachtige dag. Niet zo druk als op Zandvoort, maar toch. De FLARM , een alarmerings- apparaat voor botsing gevaar, gaat regelmatig af.

Pic de Morgon

Nu komt de Pic de Morgon (rechts). Ik vindt deze berg prachtig vanwege zijn prachtige rode gloed in de rosten. Maar ook het uitzicht over het Lac de Serres Poncon (links). Ik krijg een prachtige bel van 3 a 4 m/s op de kop van deze berg. heerlijk uitdraaien en hoogte winnen. Dan durven we naar de overkant. Op naar e Mt Gauillaume.

Mont Guillaume

Deze berg heeft de afgelopen jaren onze meerdere malen prachtig stijgen gegeven, om voldoende hoogte te vinden voor de terugreis naar Gap-Tallard of Serres. Dit keer mag ik heb hem “solo” mee pikken. bij aankomst, 45 graden openen naar de berg, en kijken waar het stijgen zit. Ja hoor, hij doet het goed. Heerlijk achtjes draaien en de helling afschrapen. Ik heb nu een paar uur gevlogen en vindt het mooi om aan de terugreis te beginnen. Het is 5 uur in de middag.

Les Parias

Zuinig terug vliegen via de berg Les Parias. De helling doet het beperkt, totdat ik bij een kommetje kom. Daar weer een heerlijk bel van 3 m/s. Als je zo een paar uurtjes alleen je ding koet doen, gaat het thermiek vliegen ook steeds beter. Die sterke bellen vlieg ik met 120km/uur. Dan ligt de kist wat stabieler en de bellen zijn toch vaak krap. Stijl draaien dus. Nu hoogte zat. Vliegveld Serres staat weer in de boord computer. het antwoord is geruststellend: 1000m boven glijpad. Niet rijk rekenen, maar het staat toch leuk.

Mtgne de Charance

na een kleine steek kom ik bij Mtgne de Charance. De bel geeft 2m/s stabiel stijgen. Als ik link uit de cockpit kijk, zie ik 3 kleine lenticularis achtige wolken. Zou het me lukken om op mijn solo vlucht ook golf te pakken. Ik draai wel uit, maar er komt geen golf. Dat zou te mooi zijn….

Lokaal oefenen

Vliegend uit de richting van Gap-tallard, kun je het veld van Serres vinden ‘als je het water volgt’. Er liggen beekjes/stroompjes naar Serres. Ik heb drie uur gevlogen en ben blij dat ik veilig bij mijn veld ben terug gekomen. Ik ben niet erg moe, dus besluit nog wat lokaal te oefenen. Heerlijk om nu uit te proberen wat er wel of niet werkt. Even naar de Mtgne dÁujour terug, daarna naar de (mtgne de st geris) “badkuip” zoals de Duisters deze berg noemen. Daarna een doorsteek naar ‘de Cabre’. Halverwege keer ik terug, omdat i het niet aandurf. Eerst weer hoogte pakken en een tweede poging. ja hoor, we halen het en fladderen hier ook even rond. Daarna terugg en de vlucht afronden.

Klote landing

Boven het veld vlieg ik nog een keer over om te zien hoe de windzak er bij staat. Ook even de cambridge (vluchtcomputer) uitlezen wat de windrichting en sterkte is. 30km wind, betekend 15km bij de advies landingssnelheid erbij. Met 120 km dus landen. De landing gaat goed, tot het moment dat ik loop te klooien met de kleppen stand op final. Ik maak hierdoor een 2e landing…. Afblijven van die kleppen, als ze goed staan!

Blijdschap

Je kunt je wel voorstellen dat ik erg blij ben met deze mijlpaal. In 2006 begonnen met zweefvliegen en nu solo in de bergen. Door geconcentreerd en goed voorbereid met mijn passie bezig te zijn heb ik dit kunnen bereiken. I’m happy man!

De vlucht..

De vlucht staat ter lering en vermaak op de OLC. Ik schrijf vlucht nr 45 in mijn logboek. De 195km, in 4 uur, is meer dan dat ik ook in Nederland overland heb gevlogen…. ik heb wel meer in Duitsland gevlogen (360km), maar toch voelt dat raar… heb ik nu meer ervaring met bergvliegen, dan met vlakke land overland vliegen. Dat is een mooie uitdaging voor 2012!

One response so far

aug 11 2011

Verharde landingsbaan Serres

Publicatie van in Bergvliegen,Bijzonder

Serres, waar ik over een paar weken naar toe ga, heeft in Mei een verharde baan gekregen.

Zeker voor het slepen een goede aanwinst. Je komt eerder los.

No responses yet

aug 06 2011

SZT failliet – kan toch niet……. of toch

Publicatie van in Bijzonder

Ik kom net terug van vakantie en lees op internet dat op maandag 25 juli mijn zweefvliegclub SZT failliet is verklaard. Het komt niet als een verrassing, het “hing in de lucht” zullen we maar zeggen, maar het doet er niet minder zeer om. Het doet zeer omdat er door zo’n feit ook een deel van de prachtige contacten verloren gaat. “Het veld” is een ontmoetingsplaats voor mensen met passie voor zweefvliegen….

Mijn keuze voor de SZT

In 2006 heb ik bewust voor de SZT gekozen. Er kon daar “door de weeks” (DBO) gevlogen worden. Ik wilde heel bewust alleen door de weeks vliegen, zodat ik tijd voor het gezin in het weekend had. Bij andere clubs in de regio was dat toen der tijd niet mogelijke. De keuze was dus eenvoudig.

Versnelde opleiding

Met de versnelde opleiding, een product van de SZT, heb ik in 2 jaar mijn brevet mogen behalen. Mijn eerste vluchten op de Dimona heb ik gemaakt met instructeur Kees Hordijk. In setjes van zo’n 40 minuten maak je kennis met de eerste beginselen van het vliegen. Daarna overlessen naar de ASK21. Later ben ik solo gekomen bij instructeur Hans Groeneveld. Zo’n dag vergeet je nooit meer.

Avondvliegen

In de zomermaanden kon er op de woensdagavond en vrijdagavond gevlogen worden. Ik heb hier goed gebruik van gemaakt. Ideaal om bij rustig weer je start en landing te oefenen. Maar ook leuk om eens een passagiersstart te maken, met iemand die niet tegen turbulente lucht kan…. Zelf moet ik terug denken aan een prachtige vlucht van 2.5 uur waarbij ik mocht ervaren dat je ‘s avond heerlijk kunt doorvliegen…. Dank aan Aemelie en Yvette voor het leiden van deze avonden.

Bergvliegen in GAP-Tallard

Voordat ik mijn brevet heb behaalt, ben ik mee geweest met de SZT naar GAP-Tallard. Voor mij “een vakantie” met vliegen. Ik heb hier geweldig leuke instructie mogen ontvangen van Goos Hageman en Wibro den Hollander. Heel bewust had ik een aantal les start genomen op de DG505 op Terlet. In GAP heb ik bijna alle vluchten op de DG505 aldaar gevlogen. Daar heb ik steil leren draaien en “op tijd beslissingen nemen”. Ook de voorbereiding was leuk. Powerpoint presentaties maken, samen met Yvette, om de deelnemers te informeren. Dit was toch wel een van mijn hoogte punten in de mijn SZT periode.

In GAP was de DG505 (nog meer) mijn kist geworden. “Thuis” gekomen, op Terlet, mijn AUB (aanvraag uitbreiding bevoegdheid) aangevraagd voor het solo vliegen met de DG505. In totaal heb ik 105 uur op de DG505 gevlogen bij de SZT.

Overland vliegen

In 2009 wilde ik overland leren vliegen. Het overland vliegen werd door Kees Hordijk begeleid, maar was stil komen te liggen door zijn vertrek. Ik heb voorgesteld het programma weer leven in te blazen. Die winterperiode heb ik het “gehele internet” (naar mijn gevoel) afgezocht naar naar materiaal over overland vliegen. Met goedkeuring van Goos hebben we 5 instructeurs bereid gevonden om 10 deelnemers te coachen. In 2009 heb ik mijn eerste 50km solo overland vlucht gemaakt.

Op de foto: Geland op Salland….

Ik moet mijn teleurstelling uitspreken over het feit dat in 2011 er een instructeur tussen geplaatst moest worden. Ik mocht het schijnbaar niet organiseren. Door diverse omstandigheden heeft dat jaar praktisch niemand (als leerling) overland gevlogen….

TMG vliegen

Ook het TMG vliegen heb ik als zeer prettig ervaren, als aanvulling op het zweefvliegen. Op diverse fora wordt het TMG betiteld als: maakt teveel lawaai, niet kosten dekkend, kan niet samen in een gezamenlijk startbedrijf. Ik begrijp het niet dat het TMG vliegen op Terlet altijd belachelijk werd gemaakt, terwijl er bij andere Nederlandse clubs ook TMG toestellen in gebruik zijn in combinatie met het zweefvliegen…… Bij mijn versnelde opleiding heb ik dankbaar gebruik gemaakt van het TMG vliegen!

Maar ook daarna. In de winterperiode was het goed om een “navigatie” oefening te vliegen. Een stuk “RT” in de praktijk te brengen en te onderhouden. Ook het oefenen van noodprocedures (motorstoring, motorloze landing, oefening buitenlanding in oefengebied bij Zutphen) was goed. Omgaan met andere factoren.

Ook mijn laatste vlucht met de PH-725 was bijzonder. Met “weinig brandstof” terug gevlogen naar Terlet. Uitklimmen en het veld halen. Dan de motor uitzetten (op de thermische dag…) en lekker thermieken. Gewoon met het “plastic” mee stijgen boven Terlet…. Aan Eddy Schuitema: Bedankt voor de leuke en leerzame lesvluchten!

Ik ben zelf wel een voorstander van TMG vliegen, als aanvulling op het zweefvliegen. Met een stuk her oriëntatie kan dit best goed op elkaar afgestemd worden! Te denken aan:

  • TMG lessen concentreren op de ochtend en avond, zodat start/landing/Touch & Go afgestemd is op het zweefvliegen.

  • TMG exploitatie moet zelf kosten denkend zijn. Eventueel landingsgeld invoeren.

Nationale functie

Vaak wordt er over “de nationale functie” gesproken, die de SZT wel of niet zou vervullen. Ik heb gezien dat het operationele management van de SZT er veel tijd en energie in heeft gestopt om dit wel te bewerk stellingen. Ik denk wel dat de producten/diensten beter in de etalage gezet hadden kunnen worden. Elke club kon, per kist een deelname nemen, zodat elk clublid kon starten vanaf Terlet. Het kantelpunt was 10 starts per jaar, anders was een individuele dagkaart goedkoper. Op Terlet was altijd een sleepkist beschikbaar, zodat men de sleepaantekening kon behalen. Ik heb meerdere zweefvliegers gezien, van andere clubs, die hier gebruik van hebben gemaakt. Dan had de SZT ook altijd de mogelijkheid voor leden van andere clubs om deel te nemen aan theorie cursussen en examen. Ook de radio communicatie training (RT), en examens, werden bezocht door niet SZT-deelnemers. Hoe je wend of keert, er was dus behoefte aan dergelijke faciliteiten……

Kritisch volgen

De afgelopen 2 jaar is de SZT kritisch gevolgd door diverse mensen. Grotendeels terecht (leert de geschiedenis nu). Deels door persoonlijke gevoelens/ervaringen bij mensen. Ik ben de SZT ook positief kritisch gaan volgen. Ik heb me daarbij wel beschikbaar gesteld (2009) voor de werkgroep werving. Het rendement viel me tegen, omdat er maar een beperkte groep van mensen met de uitvoering betrokken was. Ik wilde graag bijdragen, maar er kwam niet uit wat ik er verwacht had. In 2011 heb ik bedankt voor een soortgelijke werkgroep “werving”. Ik vond een werkgroep “behoud leden” en/of “behoud Terlet relaties” belangrijker… Ik heb geantwoord; “Het is grotere uitdaging om aan bestaande deelnemers uit te leggen wat de situatie is en wat er verbeterd moet worden, dan nieuwe deelnemers te vinden die van niks afweten…”

Laatste deelnemers vergadering

Tijdens de laatste deelnemersvergadering, in december 2010, vernam ik dat de niet betaalde huur niet gereserveerd was. Dit moest gecompenseerd worden met uitstaande rechtzaken richting de SNZT. Dit voelde niet goed. Ook bleek dat diverse bemiddelingen niet geleid hebben tot een opening voor een oplossing. De loopgraven waren schijnbaar al te diep gegraven. Ik heb geopperd (met anderen) om de veldhuur te gaan betalen om aan te geven dat de relatie een impuls nodig had. Waar een geschil over is (onderhoud hangaar), betekend nog niet dat je niet betaald voor de onderdelen die je wel gebruikt en geen geschil over is (veld, kantoor, elektra). Nee, was het antwoord. Onder de rechter…..
Ik heb het als een politiek spel van heren ervaren….. Van beroep naar hoger beroep. Het spel is nu uit, omdat er geen compromissen gesloten konden worden. Als deelnemers sta je nu met lege handen ( uh, nog 2 startkaarten…)

Failliet? Ja toch…

Ik wil geen veroordeling uitspreken, daar moeten anderen zich maar over buigen, maar wel mijn verbazing. Ik begrijp niet waarom het opgehaalde obligatie geld niet is gebruikt, waarvoor het bedoelt was (aflossen lening DG505 aan SNZT), en waarom de niet betaalde huur niet geparkeerd is op een (aparte) rekening. Als we echt een exploitatie te kort hadden, waren de SZT deelnemers best bereid een (extra) bijdrage te doen… (schat ik in).

Ik vindt het ook wel opmerkelijk dat je als deelnemer door geen enkele betrokken partij (SZT zelf, de curator, VBSV (ongeacht of je lidmaatschap) informeert wordt omtrent het faillissement (de situatie, wie heeft het aangevraagd, de te volgen procedure voor een deelnemer met startkaarten en 1/2 deelnemerschap terug vorderen, de laatste dienstverlening (logboek administratie) ).

En nu verder

Ik heb met het schrijven van dit artikel ook een stuk van me af willen schrijven. Een overzicht gegeven van een (voor mij) prachtige periode, maar ook mijn verbazing willen uitspreken. Ja, en nu moeten je verder. Het zweefvliegen (op Terlet) is belangrijk voor mij. Het is ontspanning en een uitlaatklep voor me. Ik wil me daarom verder inzetten voor het zweefvliegen, in het bijzonder op Terlet. Een volkswijsheid zegt: “Onderzoekt alles en behoudt het goede.”
Er gingen ook dingen goed bij de SZT…..

Ik hoop dat andere SZT deelnemers hun weg vinden om te kunnen blijven genieten van het zweefvliegen. Sta open voor nieuwe contacten en ga weer genieten van het zweefvliegen…. Seeyou!

2 responses so far

Next »