sep 12 2011

Interview met Hans Groeneveld

Publicatie van at 08:23 in Bijzonder

Inleiding

Meer dan een jaar geleden had ik mezelf voorgenomen: “Ik wil Hans Groeneveld graag interviewen voor een verhaal op de thermiekfabriek…..”. Hans is een bijzonder mens. Iedereen op Terlet heeft hem wel eens gezien of gesproken. Velen van ons hebben wel een anekdote met Hans.
Voor mij is Hans een bijzonder mens om twee redenen.

  • Hans vertelde me eens: Als mensen komen op Terlet om te leren zweefvliegen kijken ze meestal naar de grond. Tegen de tijd dat ze een brevet hebben kijken ze naar de wolken….
  • Op 30 juni 2006 heeft Hans mij solo gelaten! Ik had die dag drie prachtige lesvluchten met Hans. De laatste vlucht was ruim lokaal. Vliegen naar het industrie terrein van Eerbeek. Aldaar op 900m vertrokken en het eerste onderricht over McCready vliegen uitgelegd gekregen. Na de landing krijg ik opdracht “nog een bon te doen”. Als ik terugkom, moet ik gaan zitten en Hans pakt zijn plastic tas met spullen (die altijd achterin de ASK21 lag). “De kist is nu voor jou….” Een typische “Hans” manier om je solo te laten….

Voor dit interview heb ik diverse mensen op terlet gevraagd: “Welke vraag zou ik aan Hans moeten stellen, om een goed beeld van hem te krijgen….

Hoe ben je met zweefvliegen in aanraking gekomen?

In jonge jaren in de Grunau Baby.
Op de HTS, trof ik een jongen die op Terlet had gevlogen. “Bestaat zo iets”, dacht ik. Ik heb toen de gegevens overgenomen en me bij Terlet aangemeld. In 1952 heb ik met een “scholierencursus” meegedaan. Ik moest toen ook in militaire dienst. Ik ben terug naar Terlet gegaan i.v.m verlof opmaken. De toenmalige directeur, dhr. Manting, vroeg me om te gaan lieren omdat de lierman niet was komen opdraven. “Ik heb dat nog nooit gedaan”, antwoordde Hans. Een instructeur komt wel naast je zitten, was het antwoord van Manting.. Twee cursussen lang heb ik toen gelierd.

Ik wilde leren vliegen. Ik heb gevraagd bij dhr Manting om praktijk te mogen opdoen. Ik kon in de werkplaats meewerken. Dat heb ik drie jaar lang gedaan. Ik was zeg maar de rechter hand van dhr. Vleesch du Bois. Ik heb daar allerlei dingen mogen leren. Naast het werken in de werkplaats, heb ik ’s avond de theorie gedaan voor het zweefvliegen én voor instructeur.

Toen was ik solo, maar had nog geen zweefvliegbewijs. Er kwam een instructeursplaats vrij en ben weer naar dhr. Manting gegaan. Kan ik daar op solliciteren? “Daar had ik al aan gedacht”, was het antwoord van Manting. Vanaf 1957 ben ik volledig instructeur op Terlet geworden. Toen heette dat “de school”, van het nationaal zweefvliegcentrum Terlet.
Hans zijn eerste logboek

Was het vroeger moeilijker/makkelijker om instructeur te worden?

Ik dacht dat het vroeger wat makkelijker was. De theorie is moeilijker geworden, zoals dat met veel dingen is. De praktijk is ongeveer het zelfde als bij “Pa Rood”, zo noemde we hem, diewas instructeur en coachte me. We noemde hem “Pa Rood” omdat hij al op leeftijd was. Dus coaches, we noemen het nu mentoren, hadden we vroeger ook.

Wij kennen nu de lierstart en de sleepstart. Heb jij nog andere methoden meegemaakt?

Nee, ik heb alleen maar lierstarts gedaan. “En achter de auto dan?”, is mijn vraag. Nee, dat heb ik nooit gedaan. Dat heeft hier nooit ingang gehad. Er zijn wel proeven in Friesland geweest, maar daar is men blijkbaar van afgestapt omdat het niet beviel. “En de rubberkabel, zoals in Engeland?” Daar werd je mee van een heuvel af gestart en daar kreeg je je beginsnelheid mee. Je dook dan een dal in. Die heuvels zoals in Engeland hebben we hier niet, dus dat heeft hier geen zin gehad. Er is een korte tijd geweest, in de jaren voor de oorlog, dat hier op de Galgenberg er ook met een rubber kabel werd gewerkt. Maar dat was voor mijn tijd. Met een paard werd de rubber kabel uit gelopen. De mensen hielden dan de kist vast. Bij “los” ging het vliegtuig los en het paard over de kop…. Hans lacht zich rot…. Het was het paard van de boer aan de overkant van Terlet.

Vandaag de dag hebben we een rookverbod op het veld. Was dat vroeger ook zo?

We hebben de afgelopen jaren een paar keer een hitte golf gehad. Dat komt zo nu en dan voor. In die periode is er een rookverbod gekomen. Alles was droog en stond op punt van in brand vliegen. Maar in de jaren 60 rookte men wel eens op de strip of in een kist?

Er is een verhaal van iemand, in de jaren 50, die rookte in een Olympia en dat vliegtuig is helemaal afgebrand. Er waren vonken van de sigaret gevallen in de kist, tijdens het vliegen, en de strootjes in de kist hadden vlam gehad. De vlieger had dit in eerste instantie niet in de gaten, want omdat je vliegt gaat de rook naar achter, maar later, toen ie het merkte heeft hij de kist nog wel kunnen landen…. Dat vliegtuig was toen total-los. Dit kwam toen voor de ongevallenraad en daarna kwam er een besluit van “niet meer roken”.

Nog een mooi verhaal, zegt Hans: Er kwam een professor bij de Delftse Studenten. Die kwam kijken en meevliegen. Die had een sigaar in z’n mond en hing voorover in een Ka7. Een Ka7 heeft een staalbuizenromp, met linnen bespannen. Er viel toen vuur van zijn sigaar en de hele kist ging in de brand. Er was geen GSM of portabel, in die tijd. Dus wie holt er even naar de telefoon om de brandweer te bellen. Dat duurde dus even en ondertussen was de kist al uitgebrand. De man aan de telefoon schoot daverend in de lach, want de brandweerman had gezegd “we komen niet, want een zweefvliegtuig kan niet branden, omdat er geen motor in zit…”

Hoe veel starts heb je tot nu gemaakt?

Ruim 42000 starts, op basis van de laatste telling van december 2010. Ik het begin maak je heel veel korte starts. Dat zie je in mijn logboek. Later worden dat wat langere luchten. Als instructeur maakte je bij zo’n schoolierencursus wel 12 tot 15 starts op een dag. Ja, dan gaat het hard.

Heb je ook een bijzondere herinnering?

Hans pakt een foto uit zijn archief erbij en begint te vertellen….

“Hans in volledig tenue”, om de “Sky van Wills” terug te slepen naar Engeland. Je had twee trui-en aan en een overall. Een bril, voor het geval de kap kapot ging. Een zwemvest aan.
Jan Minoli was de sleepvlieger. Eerst naar Rotterdam (uitboeken bij de douane), vandaar naar Gent. De volgende dag de oversteek naar Engeland (Limpne).
(Sky van Slingby). De kist was van “Philip Wills”, toenmalige kampioen van Engeland, gekocht en werd weer terug verkocht aan een Engelse club.
Henk Frohwein heeft deze foto gemaakt.

Je maakt gedurende de dag veel aantekeningen. Wat doe je daar mee?

Ik was toen chef-instructeur geworden. Aan het einde van dat jaar moest ik een jaarverslag maken voorde Rijks Luchtvaart Dienst van dhr. Manting, want dat deed mijn voorganger ook. Het was toen even moeilijk om zo’n verslag te maken, als je geen aantekeningen hebt. Uiteindelijk wel gelukt, maar ik dacht “dat moet volgend jaar anders…”. Zo ben ik voorzichtig begonnen om vast te leggen wat er zo op een vliegdag gebeurde. Dat kon gaan over: het weer, bepaalde verschijnselen, wie was de lierman, welke baan, wie is er solo of overland gegaan. Soms schreef ik per week, soms per dag. Afhankelijk van de bijzonderheden. De meeste ordners zijn nu opgeslagen in het luchtvaart historisch archief.

Hans pakt een plastic tas en haalt daar een ordner uit met allerlei dagrapporten. We bladeren er wat door en bekijken een aantal voorbeelden. Ik vraag: Dan heb je misschien ook wel de aantekening dat ik solo ben gekomen in 2006…?. Niet hier, want dit is alleen 2009 en 2010. Hans slaat een willekeurige bladzijde open en…..




Je kunt je voorstellen, ik sta perplex. Is dit toeval of niet……

Hoe ben je aan het “Hans Groeneveldplein” gekomen?


Dat is door Aemelie de Jong geregeld. Ik had toen dienst op het veld. Op een gegeven moment zeiden ze dat ik iemand moest rondvliegen. Hij kwam in de verte over het veld aanlopen. En ik kijken. “Die vent ken ik van televisie…”. Het was Jos Brink. Samen hebben we een lokale vlucht gemaakt, waarbij ik voor de hangaar moest landen. Ondertussen hadden zich daar vele mensen verzameld en werd het me duidelijk dat er een TV programma werd opgenomen. Dat heette “zondagskinderen”. Toen is ook het bord onthult.

Op wat voor een bijzondere vliegtuigen heb je vlogen?

ESG – Erste Schul Gleiter
Foto: Jacco Otten
Ik heb wel op zo’n 20 zweefvliegtuigen , 20 motorvliegtuigen gevlogen.
De ESG (Erste Schul Gleiter) was de eerste kist waar ik mee heb gevlogen. Dat was een vleugel en een plankje waar je op zat. Aan de balk kon je je vasthouden en je zat in de buitenlucht. Je werd opgelierd.

Ook heb ik op een Ka7 met 3 motoren gevlogen. Er was een Duitser, die de hobby had om motoren op een zweefvliegtuigen te monteren. Hij had geen geld voor motor vliegtuigen….. Ik mocht er een keer op mee. Hier op Terlet. De betreffende man (Eckhard Bruns), vloog hier op Terlet.

Overland vliegen – ligt dat jou?

Nou, eigenlijk niet. Ik heb wel aan wedstrijden meegevlogen. En daar kreeg je dan ook een oorkonde van. Ik had toe de 8e plaats van 30 man. Foto Links: Manting overhandigde Hans de oorkonde van het overlandvliegen. Op de achtergrond een Sagitta. Foto rechts: de oorkonde die ik kreeg op een van de wedstrijden. De directeur Manting tekende/kleurde de oorkonde zelf in. Dat heb ik dus 4 keer gedaan. De nationale kampioenschappen, daar nam ik toen aan deel. Omdat ook eens gedaan te hebben.

Maar daarna werd ik chef-instructeur en toen kreeg ik het zo druk met cursussen organiseren. Dat legde zo beslag op me, dat ik geen tijd had om wedstrijden te vliegen. Ik kwam toen niet meer van Terlet af. Op de foto hieronder, ben ik instructeur bij een scholierencursus.



Schoollieren cursus met Gö-4 Gouvier), met leerlingen.

Ik woonde toen op Terlet, in de oude Thermiekbel (die er nu niet meer staat, eigenlijk achter de huidige Thermiekbel, op de parkeerplaats.). Ik heb er 15 jaar gewoond. Ik had een kamertje, als slaapkamer, mijn kantoor en een opslagruimte. Daar had ik ook de zuurstof apparatuur opgeslagen voor 10 kisten. Daar heb ik ook mijn B3 studie, commercieel pilot, gedaan. En mijn brevet behaald.

In die 4 jaar heb ik zo’n 20 overland vluchten gevlogen. Ik geloof dat ik bij alle vluchten ook buiten geland ben. Ja, één keer ben ik op mijn doel terecht gekomen. Op vliegveld Seppe.
Ik heb dus wel overland ervaring gehad.

Het overlandvliegen werd, in de jaren 70 ook beter, dan de periode daar voor. De kisten waren beter geworden, dus je kon langer boven blijven.

Ik heb je vaak in de DG505 zien zitten….

Ik ging dan de LX7007 bestuderen. Ik was eigenlijk net zo ver dat ik het apparaat goed begreep, want het boekje gaf aan wat je er mee kon doen, maar gaf niet aan “hoe”. Ik zat dan ik de kist om dat te leren en dat lukte met grote moeite. Als je alles zelf uit moet vinden, dan ben je even zoet. Toen was ik zo ver en toen stortte de SZT in. Ik heb wel een mooie vlucht met Dick ter Sla gevlogen om de LX7007 te leren kennen.

Hoe is het om nu met een prestatie kist te vliegen?

Nou, ik heb kort geleden mee mogen vliegen op de DG1000, op uitnodiging van Piet van der Berg.

Geweldig om dan een prestatie vlucht mee te maken en te zien hoe dat dolfijnen gaat.

Daar zat weer een andere computer in, een Zander.

Foto: Thei Bongers

Ben jij ook actief geweest op het gebied van bergvliegen?

Ja, in 1959 had Kees Guldemond, die toen de vertegenwoordiger van Schleicher was, een verhaal over golfstijgwind in Frankrijk. Zo kwam hij op het veld van Issoire, in de beurt van Clermont-Ferrand. Dat verhaal vertelde hij, boven in de tekenkamer, aan Dick Réparon en Piet Alsema. We hebben toe de koppen bij elkaar gestoken en gezegd, als we dat nou eens gaan bekijken…
Het veld werd bekeken en vluchten gemaakt. Twee jaar later was Jos Krols erbij en die had wel zin om met een kist naar Issoire te gaan. Dit hebben we geregeld met de heer Manting. En hij vond het goed. We hebben toen zelf zuurstof in een kist ingebouwd. Aanhanger gereed gemaakt. En we hebben daar dus kennis opgedaan, m.b.v een Ka6.
We waren toen zo enthousiast, dat we begonnen zijn een cursus te geven vanaf december/januari/februari. Drie kisten mee naar Issoire. Zes man per week, om golfstijgwind vluchten te maken (als dat er was…) Als ik alles op tel, heb ik daar in totaal 6 maanden gezeten (in 6 jaar).

We hadden ook een Ka7, tweezitter, die we gebruikten voor de instructie. Ik had een dictaat van de Fransen. Dat heb ik vertaald naar lesmateriaal en elke cursist kreeg een exemplaar. Ook hebben we op Terlet een “Golfstijgdag” georganiseerd, over velden Inssbruck en Issoire . ’s ochtends vertelde Guldemond over Inssbruck en ik vertelde over Issoire. In Issoire was je verplicht om een motor vlucht te maken met een instructeur om de omgeving te leren kennen. Omdat ik ook motorvlieger was, was ik uitgecheckt om namens de Fransen ook dat soort checkvluchten te maken met de Nederlandse vliegers. Ik mocht als Nederlander op de Franse kisten de Nederlanders uitchecken.

Ben je later mee gegaan naar Aosta of Gap?

Nee, want de ondernemingen naar Issoire die kostten dus geld. Je was er met 3 instructeurs. Dat werd te duur. Daar ging de streep door. Ik had er begrip voor. Mensen gingen dat zelf organiseren, omdat ze de cursus hadden gevolgd. Soms ging dat naar Inssbruck, vanwege de taal. Inssbruck was echter vaak druk en ook soms turbulent. Henk Frohwein is toen degene geweest die de organisatie naar Aosta op zich heeft genomen. Dat is jaren door gegaan. Ik had het toen al gezien, maar ben toen niet mee gaan. Henk Frohwein was ook degene die GAP geïntroduceerd heeft. Hij had dat gehoord of in een blaadje gelezen.

Je bent ook ere-lid. Wat betekend dat voor je?

Nee, ik ben bij diverse club lid geweest. Met de scholierencursus was ik natuurlijk geen lid. Ik woonde in Beverwijk. Ik moest toen lid zijn van een club. Dat werd de Zaanse. Daar kon ik op de fiets naar toe (Castricum). Toen ging ik in militaire dienst. Er kwamen ook clubs op de vliegbasis. Ook militairen gingen dus mee doen. Ik was militair. Kostte niks. Zo ben ik lid van Klu-Deelen geworden. Was in de 1955. Daarna ben ik, na mijn diensttijd, op Terlet gekomen en heb mijn lidmaatschap bij de Zaanse er aan gegeven. En ook van Deelen. Omdat ik op Terlet instructeur was, vloog ik hier elke dag.

Werd het hier als club gezien?

Nee, het was het Nationaal Zweefvliegcentrum van Terlet. Ook wel de “de school’ genoemd. Waar heel Nederland kon komen, om elke dag te vliegen en prestatie vliegen te leren. Joop van Leeuwen en ik hebben het slepen hier opgezet. Met een Tigermoth. Je huurde twee weken een kist en je gaf 2 weken les. Zo ging dat. Terlet was gewoon een mogelijkheid, buiten je club om, om op het nationale centrum gebruik te maken van die faciliteiten. Je moest wel ergens clublid zijn, om hier te mogen vliegen. En je moest natuurlijk betalen voor de starts. Ik heb nog bonnen van 2 euro 50. Relatief was dat laag.

De Gelderse vond eigenlijk dat de 3 beroepsinstructeurs, die we toen hadden in Nederland, lid moesten worden. Want de Gelderse gebruikte het centrum ook. Ze hadden profijt dat we er waren. Ik gebruikte dat nooit, omdat ik al bij de school vloog. Daarna kwam er ook nog een beroepsinstructeur op Salland.
Dat lidmaatschap bij de Gelderse verwaterde, maar nu ben ik weer lid van de Gelderse. Ze hadden me al een keer gevraagd, maar ik wilde eerst kijken hoe het met de SZT afliep. En nu ben ik dus lid bij de Gelderse.

Je hebt vaak dezelfde soort “out-fit” aan op het veld. Voorkeur?

Ja, ik loopt er altijd wat sjofeltjes bij. Een beetje in oude rotzooi, zou je kunnen zeggen. Als je in schone spullen loopt, is het in 1 dag vuil. Mensen kennen me zo. Een oude vliegers over-all, grote zonnebril. Paperclip er aan. Maar ook hele oude schoenen.
Vooral die, waren vaak mikpunt van hilariteit. De gaten zaten overal, mijn tenen staken uit en de zolen stonden open. Ik liep de schoenen helemaal af. Goede schoenen waren in no-time naar z’n moer. En als je kloten had, zaten die in no-time in je schoenen….. Door de turbulentie…

(Er wordt samen even hard gelachen).

Waarom drinkt Hans geen bier meer, zoals vroeger?

De oorspong lag hier in. Ik ging toen samenleven en verdween van Terlet. Ik had toen nog wel dezelfde gewoontes. Ik had dan wel eens zitten te pimpelen en ging dan met de bus naar huis. Ik kon er wel tegen, dat bier. Thuis gekomen, zakte ik in de stoel. Mijn vriend had dan eten gekookt en daar had ik geen zin meer in. Doe mij maar een biertje..
Op een keer werd hij, begrijpelijk, daar erg kwaad over. Ik dacht: “Hij heeft daar gelijk in.” Van de ene op de andere dag heb ik daar mee gebroken. Ik drink nu mijn pilsje, ’s avonds , als ik thuis ben. En daarbij komt dat je wat moet minderen als je ouder wordt, omdat je organen minder kunnen verwerken….

Wat is een Hans Groeneveld briefing?

Vroeger gaf ik de briefing in de thermiekbel. De oude thermiekbel wel te verstaan. Met wat bier in je lijf van de vorige avond, ging het praten wel wat makkelijker en maakte ik er altijd wel wat leuks van. Op de strip hoorde je dan wel van mensen dat ze speciaal naar de briefing kwamen, omdat ze de gezelligheid niet wilde missen. Er waren soms ook mensen op de briefing, die helemaal niet kwamen vliegen. Gewoon voor de briefing…. Dat vond ik wel prachtig.

Wat is kruk-as thermiek?

Ja, in de briefings had ik allerlei termen om uit te leggen. Inderdaad, kruk-as thermiek was er een van. In een thermiekbel heb je niet altijd continue stijgen. Aan de ene kant gaat het naar beneden en de andere kan naar boven. Heel eenvoudig dus. De kunst is dus om in het ritme van de kruk-as omhoog te gaan.

Je komt altijd met de bus. Heb je geen rijbewijs?

Ja, ik heb wel een rijbewijs. Het is ook geldig. Ik heb thuis een auto. Mijn vriend rijd er mee. We willen de auto wel heel houden. Overal staat een agent en overal krijg je een boete voor. Daar ga ik de staatskas niet mee spekken…..

Ja, er kwam een man op het veld met het verhaal dat die een oude vliegkaart bij zich had bij het vliegen. Eigenlijk moet ik je een boete geven, hadden ze tegen hem gezegd. Toen schrok ik zo. “Beginnen ze nu met dat gezeik ook op het vliegveld…”. Toen knapte ik goed af op het overland vliegen en het motorvliegen. Dan blijf ik liever lokaal vliegen……

Ik had hier 15 jaar gewoond en toen ging ik samenwonen. Ik kon toen goed met de bus hier naar toe. De verbinding was goed en het was goedkoper dan de auto. Ik ga maar lekker met de bus….. Zo ben ik er aan gewend geraakt. Voor mijn werk had ik de auto niet nodig.

Wie is Hans Potter?

Ja, dat is een mooi verhaal. Ik had de briefing gegeven en we gingen naar de hangaar. Er was echter niemand bij de hangaar en heb toen maar een stoel gepakt en een rode kegel op mijn hoofd gezet. Peter Jansen, van het Service Center Terlet, die prachtige films maakt over zweefvliegen heeft toen het hele verhaal gefilmd. Zo is Hans Potter geboren….

Met dank aan Peter Jansen voor het plaatsen van de film.

Waarom verzamel je rouwkaarten van overleden vliegers?

Nou, ik heb 30 jaar lang beschreven wat er elke dag op het zweefvliegveld gebeurde. Dat kwam omdat Jan Minoli, die chef-instructeur was, uitgebreide jaarverslagen maakte voor de Rijks luchtvaart dienst. Nu moest ik dat doen van Manting. Had ik dat maar geweten, dan had ik informatie gedurende het jaar verzamelt. Dus ik ben op mijn kantoor gaan zitten en bedacht “wat is er allemaal gebeurt”. Ik ga het voortaan maar vastleggen. Je begint bescheiden. Per week, wat notities. Het gaat een eigen leven lijden. Zo is bij mij de standaard gekomen, om een dagverslag te schrijven. Het weer, de lier…
In de laatste 10 jaar, toen kwam er een overlijdensbericht op het bord. Ik heb de kaart eraf gehaald en bewaard. Die duw ik ook maar in dat verslag. Een verfraaiing aan het verslag. Zo onttrek je die mensen aan de vergetelheid. Het waren toch zweefvliegers….

Zou er zweefvliegen zijn na de dood?

Ja, dat is een titel van een boekje. Ken je dat? Er is ook een boekje “Naakt over de strip!”. Dat is een verhaal apart. In de jaren 60 kwam Bep Muis. Dat was een aparte vrouw. Leerde zweefvliegen. Hoorde er bij. Die kwam per taxi naar het veld. Niet met de bus of auto. Ik heb wel eens meegereden in de taxi. Die Bep Muis, schreef een boekje, een bundel velletjes. De titel “Naakt over de strip”, maar dat was beeldspraak.
Zei schreef later het boekje “Is er zweefvliegen na de dood…”

Je hebt nu zoveel jaren gevlogen.. Had je het anders over willen doen?

Nee, het uitgangspunt is altijd geweest “Ik wil vliegen!” Dat kwam door de oorlog. Ik zag tientallen bommenwerpers over mijn pet komen. Ik zei tegen mijn broer Leo, als de sirenes gaan moeten we op het dak. Anderen gingen de schuilkelders in, maar wij het dakkie van de schuur op. Ik heb toen boekjes en bouwkartons gekocht. “Ik wil vlieger worden….”
Ik droeg een bril, dus dat ging toen niet. Tot dat ik op de HTS in contact kwam, via die jongen, met zweefvliegen. Zo ben ik toch met het vliegen in aanraking gekomen. Een goede plaatsvervanger, om beroeps vlieger te worden. Daar ben ik erg content over.

Slotwoord

Ik bedank Hans voor zijn tijd en openhartigheid. Ik (wij) heb(ben) even inkijk gehad in het prachtige leven van Hans Groeneveld!

32 responses so far

32 Responses to “Interview met Hans Groeneveld”

  1. Kees Houbolton 12 sep 2011 at 13:19

    Ik ontmoet Hans dikwijls op de strip.
    Met heel veel plezier zijn levensverhaal gelezen gelezen

  2. Pieter Donkervoorton 12 sep 2011 at 13:21

    Leuk interview!

    gr.,
    Pieter

  3. C.D. Prinson 12 sep 2011 at 14:04

    Goed verhaal. Ik ken hem van af 1958, toen begon ik met zweefvliegen bij de KZC.

  4. Frans Wijsmanon 12 sep 2011 at 16:27

    Erg leuk om te lezen.

    Ja, de Hans Groeneveld briefing.
    Een afgeladen Termiekbel, muziek uit Hans op de stoel om boven de menigte uit te komen. En als de wind 5 kopen was dan is dat ongeveer 1 ritssluiting!

    Frans

  5. Jan Craenenon 12 sep 2011 at 20:51

    Wat een leuk interview. Echt Hans zoals wij hem kennen. Mocht je meer willen lezen over Hans dan kan ik je het boek “Zweven en laten zweven” van Frans Goddijn en Matthijs Wachtmeester van harte aanbevelen. Je waant je zo weer op het “echte “terlet”

  6. Piet Feijenon 12 sep 2011 at 21:59

    Een paar maanden geleden hebben wij nog eens gepraat over onze begin periode,de luchtverkenners, de ESG, alles heeft Hans nog heel duidelijk in zijn “PC”.
    Jammer dat het vliegen op Terlet voorbij is, ik mis Hans nu al!

  7. Rene Hofstedenon 13 sep 2011 at 17:20

    Nog bedankt voor de leuke tijd Hans en mijn solo !!
    Ik herinner me nog een weerbricht:
    Vandaag zon uit het oosten !!

  8. Bryan Meijers (nijenhuis)on 14 sep 2011 at 08:54

    Erg leuk stukje. Mag wat mij betreft ook in het blad Thermiek. Tja, Hans Groeneveld, voor mij en mijn ooms Martin en Andre Nijenhuis (beide overleden helaas) een heel bijzondere man. Hans heeft mij solo gelaten en was later mijn mentor voor instructeur. Ooit maakte een leerling van mij de opmerking dat mijn instructiestijl erg leek op dat van Martin Nijenhuis en Hans Groeneveld. Een groter compliment kan je niet krijgen…

  9. Eddy Schuitemaon 14 sep 2011 at 20:16

    Goed stuk, geeft ook goed aan hoe Hans in elkaar zit.
    Zal hem toch missen met zijn opmerking als:
    Applaus weer en z’n dropwijf.

  10. Frans Goddijnon 14 sep 2011 at 22:09

    Dankjewel voor dit mooie artikel & de foto’s. Hans is zo’n prachtige en dierbare man. Voor mij is hij Terlet, en zweefvliegen.

  11. n.a.van.staverenon 17 sep 2011 at 21:43

    mooi verhaal , ik heb bij Hans ,en Jan(minolie) en Luxemburg het zweefvliegen op Terlet geleerd,ik vlieg ook nog ( al betreft het motorvliegen bij voorkeur vliegen met een motorzwever) steeds en ook mijn kleinzoon is zweefvlieger.

    Ik mag stellen mijn professie is technologie,maar vliegen is pure ontspanning voor me,en technologie uit de vliegerij heeft me patenten opgelever,o.a het ombouwen van de venturi tot een erts transport pomp.

    Ik bedank Hans Groenveld , Jan .Minoli en Luxemburg voor de basis die mijn periode op Terlet voor mijn carriere heeft gelegd.

    Nicolaas.A.van.Staveren

  12. henri markuson 17 sep 2011 at 21:55

    Hans bedankt voor dit leuke interview.
    Leuk dat ik je al die jaren op terlet mee gemaakt heb, als een vriendelijk en een correct persoon zonder capsonis of verbeelding.

  13. Gino Verbruggenon 07 okt 2011 at 23:49

    Er zijn maar weinig mensen die me op zo’n bijzondere manier iets hebben geleerd.
    Rust gecombineert met passie voor het vliegen.
    Dank Hans om me te leren vliegen. (de Belg)

  14. Karel van der Zandeon 25 okt 2011 at 18:27

    Mooi interview van dit zweefvligicoon.

    Hans ik hoop dat je nog jaren van onze mooie sport mag genieten.
    K.

  15. Klaas Hellenthalon 31 okt 2011 at 20:51

    Ik heb een aantal mooie instructievluchten met Hans mogen beleven. Wat mij daarbij vooral opviel was de rust die hij daarbij uitstraalde en het zelfvertrouwen wat je daarbij kreeg. Bij het rondtoeren in de omgeving van Terlet wist Hans over bijna elke boom en gebouw in de buurt wel een verhaal te vertellen. Het is een genot om vanuit de lucht alle bijzonderheden van de prachtige omgeving te horen vertellen van iemand die zoveel vluchten daar heeft gemaakt.
    Hans bedankt.

  16. Rob Smiton 07 nov 2011 at 22:16

    Ik ken Hans nog van een strenge winter ’77-’78 toen ik praktisch examen Technicus RLD en stage werkplaats Terlet deed. Piet Vleesch Du Bois, Gerrit, de beide Jansens en die fijne duitse collega waar ik naam van kwijt ben en die goeie verfspuiter.
    Ik had daarvoor al op Terlet gevlogen in de sleep. Samen stonden we ‘s-avonds op de bus te wachten vaak. We hebben toen we kennismaakten nog twee oude KNVvL Grunau Babys uit een of ander hok gesleept. Ben daarna even weer gaan vliegen bij Uden/Volkel.

  17. Christiaan Kuiperon 21 nov 2011 at 22:02

    Ik ken Hans sinds de midden jaren 80 toen ik begon met parasailen op Terlet, hetgeen snel gevolgd werd door zweefvliegen.

    Bracht viel tijd op Terlet door waardoor Hans mijn “Terlet vader” werd. Ik zei altijd “ha pa” zodra ik Hans zag, hetgeen enthousiast beantwoord werd.

    Hans is een levende legende, aan wie ik alleen positieve herinneringen heb en aan wie ik veel te danken heb!!!!

  18. Peter Westerhofon 19 dec 2011 at 12:44

    Erg leuk interview.

    Ik deed in 1997 mijn 3e examenvlucht met Hans en had ook het genoegen bij het ‘plein-evenement’ te zijn. Op http://www.zweefvliegenonline.nl/phpBB-3.0.5/phpBB3/viewtopic.php?f=13&t=441 staan filmpjes daarvan. (Gôh, wat een mooie tijd en wat waren we jong).

    Voor mij blijft Hans altijd Mr. Terlet en een feest.

  19. Robert Mouton 20 apr 2012 at 11:29

    Behalve dank aan Hans ook veel dank aan jou, Peter! Leuk dat je dit initiatief genomen hebt.

  20. Peter Schrijveron 29 sep 2012 at 15:52

    Mijn scholierencursus was in 1967, squadron 240, bij Hans. Na jaren vliegen op Terlet is Hans nog steeds een voorbeeld van een ras-instructeur. Ik schrijf nu boeken, die voor een belangrijk deel gaan over communicatie en Hans komt daar meermalen in voor als didactisch fenomeen.
    Ook daardoor zijn het interessante boeken.
    Peter Schrijver

  21. Wiebe Plantingaon 09 nov 2012 at 17:39

    Prachtig interview. Ik ken Hans sinds 1952, hij was toen lierman op Terlet, en ik een jochie van 6 jaar die met zijn vader (die ook zweefvloog) altijd meeging naar het vliegveld. Spannende tijden waren dat, mocht meerijden in de Jeep, op de lier zitten, kortom allemaal spannende dingen voor mij.
    Hans was ook de instructeur die mij in 1963, tijdens de scholierencursus waarin ik ook lierman was, solo liet gaan op de Ka-7. Echt op die typische Hans Groeneveld manier, ga maar zitten, ik ga niet meer mee, de kist is voor jou. Om nooit te vergeten.
    Hans heeft ook mijn praktisch examen DBO-instructie afgenomen in 1971. Kortom, ik heb ik in mijn zweefvliegcarriere veel aan Hans te danken. Hij is inmiddels mijn oudste kennis, en nog steeds geniet ik ervan met hem over het zweefvliegen te kunnen praten.
    Wiebe Plantinga

  22. Frans Lubeekon 21 nov 2012 at 13:17

    in 1979 een 10 daagse cursus gevolgd samen met mijn broer Wim en Hans en Henk als instructeurs.Om nooit te vergeten, het plezier en enthousiasme waarmee dit gebeurde is mij altijd bij gebleven. In 1992 gestopt met vliegen maar het is nooit uit mijn hoofd
    gegaan.
    na al die jaren is de herrinering aan Hans (ook aan Henk uiteraard) nog als de dag van gisteren.

  23. Kees Bleijenbergon 04 jan 2013 at 01:12

    Scholierencursus 1962 met Hans als instructeur, wat een fantastische tijd, geweldige instrukteur en behalve vliegen werd je ook verantwoordelijkheidsgevoel bijgebracht. Zweefvliegen dank zij Hans heeft een enorm positieve invloed op mijn studie en latere loopbaan gehad. Na vele jaren fantastische herrineringen!
    Kees Bleijenberg (Mexico)

  24. Rob Smiton 02 sep 2013 at 18:50

    Het is bij herlezen dat ik dat verhaal zie van herr Bruns met die gemotoriseerde Ka-7. Wat jaren te voren was hij daar mee bezig op Schinveld en wat aangekochte Stihl zaagmotoren. Daar heeft hij toen al mee gevlogen. Eenmaal werkzaam bij de werkplaats Terlet had Piet Vleesch een Rhönlerche aan de kant om die langzamerhand ook tot motorzwever te maken.
    Wat daarvan geworden is weet ik niet daar ik naar de KLu in Volkel verhuisde.

  25. AC Guldemondon 25 sep 2013 at 22:04

    Hans Groeneveld en Jos Krols, 2 namen die mij altijd zullen bijblijven!
    Ik ben de dochter van Kees en Mary Guldemond en kwam met mijn ouders vanaf mijn 10e tot mijn 20ste jaar op Terlet.
    Mijn vader was vertegenwoordiger van Schleicher.

    Ben 16 September 2013 65 jaar geworden en mijn wens is, om Hans Groeneveld te kunnen ontmoeten op Terlet.
    En om herinneringen op te halen van de 60gerjaren op Terlet.

  26. Adri Breveton 02 feb 2014 at 14:18

    Hé wat een lollig draadje. Een schitterend interview en ook de commentaren zijn lezenswaardig.
    Als je bijna 50 jaar zweefvlieger bent geweest, is het natuurlijk onmogelijk om Hans niet te kennen. Hoewel ik, zeker de laatste jaren, niet meer zo vaak op Terlet kom, vindt ik het ongelofelijk dat Hans nog altijd mijn naam kent. Hoewel ik hem de laatste paar keer wel even zag piekeren, met zijn hoofd een beetje scheefhoudend.
    Herr Bruns (heette hij geen Eckart) kan ik me nog goed herinneren, maar niet met een Ka-7 maar met een motor-Spatz. Hij had aan de neus een motortje gebasteld. Als ik me goed herinner was het geen zelfstarter. En hij reed in een toen al antieke Opel Kapitän model ’51 iirc.

  27. Roel Cadeeon 28 apr 2014 at 19:11

    Hoi Hans, behalve dat je mij op de Sagitta hebt gezet hebben we elkaar vliegtechnisch niet vaak ontmoet, maar we zijn er allebei nog en ik ben elk jaar trots dat je mij kent en dat ik jou ken en weer begroeten mag na de winter.
    See you at cloudbase! Roel Cadee

  28. Mariejozee Geleickon 19 okt 2014 at 15:56

    Hans is de beste! Hij heeft mij ook solo gelaten, ik weet nog goed, dat hij me complimenteerdde met de landing bij de eerste solovlucht op een 21.

    Helaas is het vliegen noodgedwongen over, maar wat ik gevlogen heb, kan niemand me meer afpakken.

    Het is overigens zo jammer dat de “school” niet meer bestaat, het “oude” Terlet was zo geweldig goed.

  29. Jilles Smitson 11 jan 2015 at 08:35

    Hallo Hans
    je had het vaak over een foto van jouwzelf in de Slingsby SKY met een jongetje er naast op de grond.
    Dat jongetje was ik zelf, een zoon van Pa Smits en woon nu in Australie.
    Goed to horen hoe het met je gegaan is. Heb 15 jaar gevlogen bij de EAC (Eindhoven)
    Je hebt me goed geholpen voor m’n instrukteurs examen

    Groetjes
    Jilles Smits

  30. Yolanda Bultenon 13 jan 2015 at 22:20

    Hallo Hans,

    Ik kan me jou nog goed herinneren ook al was ik nog jong.
    Ik ben de dochter van Joop Bulten,hij heeft ook gevlogen bij de Gelderse,zelf heb ik ook 3 jaar gevlogen.
    Dit was volgens mij eind 1960,begin 1970.
    Mij moeder heette Annie en wij stonden met een caravan op de bijbehorende camping.
    Vaak gingen wij “s-avonds naar de Thermiekbel(De Bel)
    Een aantal namen kan ik mij nog herinneren:Debo en zijn dochter Map,Leo Sanders,Friedjof,de ouders van Leo Sanders,ene Jan?,Roelie?.
    Ik vraag me af of jij je ons ook nog herinnerd?
    Zou het leuk vinden om iets van je te horen en ben benieuwd of er nog fotomateriaal is uit die tijd.
    Met vr.groet,

    Yolanda Bulten.

  31. Wijnand Florijnon 22 feb 2015 at 17:07

    Ha die Hans,
    Mooi verhaal wat ik via mijn vader Wim, voor geschoteld kreeg. Doet met weer denken aan de laatst gesubsidieerde scholieren cursus op Terlet, rond 1980. Mooie (vlieg) tijden met Henk Frohwein, Mertens Zur Borg, Ruud Hoogenboom, Hidde de Haan en weilen Leon de Lange: wat vliegt de tijd!
    Veel succes en plezier gewenst!
    Wijnand Florijn

  32. Ab Bosveldon 04 jul 2015 at 15:28

    … een zeer bijzondere treffer van Hans kan ik mij herinneren …
    Het was … in de zomer van 1960 of ’61 … er werd gevlogen langs de Hooilaan … Jan Minoli was hoofdinstructeur en zat achter in een Rhön … de kabel was al strak getrokken … Jan grijsde op zijn eigen wijze naar de achterblijvers … Hans pakte quasi onverschillig een steentje … en mikte dat naar de tronie van zijn “baas”, 10m verder in de Rhön … precies door het geopende schuifraampje … nog geen tel later werd de Rhön met een”tierende” Jan opgelierd …

Trackback URI | Comments RSS

Leave a Reply