mrt 24 2011

Serres booklets

Publicatie van in Bergvliegen,Producten

Vandaag is het zover! Na zo’n 4 maanden ontwikkeling, in de avond uurtjes, aan de “Serres Booklets” is een definitieve versie gereed.

Hoe het begon…

In de zomer van 2010 heb ik zelf op het vliegveld Serres gevlogen. Voor mijn eigen voorbereiding had ik, in het voor mij zo geliefde A6 formaat, een info boekje gemaakt. Daarin had ik de voor mij belangrijkste info opgenomen: veld informatie, circuit, frequenties, luchtruim structuur van de omgeving. Lekker compact zo’n boekje in de cockpit!


infoboekje

Na een aantal dagen heb ik een voorbeeld boekje achter gelaten bij de receptie. Een dag daarna trof ik op het veld Sidonie Ohlmann, vrouw van Klaus, die me herkende aan mijn “thermiekfabriek” polo. So, you are the men from the booklets. We have to talk…..

Opdracht

Aan het einde van mijn vliegvakantie had ik een opdracht op zak om een info boekje te maken in 3 talen. Na een aantal sessie “boekjes was de Engelstalige versie gereed. De opzet, de indeling was accoord. Maar dan moet je nog 2 vertalingen produceren. “Google translate” bleek niet echt een “vriend” te zijn. Sidonie en Klaus hebben zelf meegeholpen met de vertalingen het het controleren. De Duitstalige versie is tot stand gekomen door hulp van Rene Vos en Bernd Kuhlmann (vliegmaten waar ik mee vlieg bij SFG Duisburg).

booklets_3lang

serres r80

De eerste pagina’s geven uitleg over het veld Serres (start en landing, procedures). De rest van de pagina’s geven heel compact de informatie van het luchtruim weer en de benodigde frequenties voor het gebied.

En nu produceren…

Er zijn kritikasters die zo’n boekje “een paar velletjes papier” noemen. Ik kijk er zelf anders tegen aan. Ik heb er veel plezier (en tijd) aan beleeft om dit als product neer te zetten. je bent ook weer inhoudelijk met je passie bezig in de winter. Ik ben dankbaar dat Klaus en Sidonie me deze opdracht gegund hebben en hoop dat veel vliegers in Serres wat aan de booklets hebben.

No responses yet

sep 19 2010

ICARE2 – zelfstarter op zonne-energie

Publicatie van in Bergvliegen,Bijzonder

Vandaag heeft mijn vliegmaat Rene Vos het beeldmateriaal in elkaar gezet, dat we op 3 september j.l. hebben geschoten. We hadden zelf heerlijk gevlogen en waren op 19:00 op weg naar ons thuisveld Serres. Op de veld frequentie horen we dat Klaus Ohlmann met de ICARE2 een proefvlucht gaat maken. De ICARE2 is een zweefvliegtuig vol met solar panelen, met een motor van 2.2KW. We melden ons op de frequentie en spreken af een stukje samen op te vliegen, terwijl Klaus zijn testen uitvoerd.




Een prachtig moment om even naast dit prototype te vliegen.

No responses yet

aug 27 2010

Gans vliegen

Publicatie van in Bergvliegen,Overland

Tijdens mijn prille overland vliegen heb ik enkel gebruik gemaakt van tweezitter vluchten,
waarbij ik van een overlandcoach of een ervaren overlandvlieger aanwijzingen kreeg gedurende de vlucht. Dit heb ik als zeer leerzaam en prettig gevonden en heeft me gebracht waar ik nu ben. Bij het meehelpen opzetten van een overland-programma kwam ook het zogenaamde “gans vliegen” aan de orde. De artikelen die ik toen er over las, schreven wel dat hier enige ervaring voor nodig is. Als prille GPL-er respectievelijk beginnende overland vlieger ben je niet gewend om (dicht) naast elkaar te vliegen. Ik heb het “gans vliegen” toen even gelaten voor wat het is.

Het komt dichbij – dus voorbereiden

GooseFlying_small
Vorig jaar: Met de Duo-T achter de Ventus aan….
Twee jaar na het lezen van het eerste artikel over “gans vliegen”, komt het nu echter dichter bij. Redenen:

  • We gaan met 2 vliegtuigen (Ventus 2cT en de Duo Dicus T) naar Serres om vliegen te samen.
  • Op het veld Serres geeft Klaus Ohlman bergvlieg training d.m.v gans vluchten. Mogelijk ga ik hier gebruik van maken.

Als voorbereiding op mijn bezoek aan Serres wil ik me dus meer verdiepen op “gans vliegen”. Ik heb hiervoor een 3 tal documenten gevonden op het internet en hoofdstuk 6 “Flying as an individual or as a team?” gelezen uit het boek “Competing in gliders”, dat ik vorig jaar had gekocht.

Een aantal termen

Het zweefvliegen staat toch bekend als een individuele sport. Je moet zelf beslissingen nemen omtrent strategie en taktiek. Of het nu gaat om het vliegen van een overlandvlucht (voor je plezier) of een wedstrijd (ook plezier!). In de diverse artikelen komen verschillen termen voor en hebben elk een eigen doel. Hieronder een overzicht.

Defenitie Omschrijving
team flying Deze term wordt voornamelijk gebruik bij het wedstrijd vliegen, waarbij 2 (of meer) piloten van hetzelfde land samen op vliegen. Dit is voor het eerst toegepast tijdens het wereldkampioenschap zweefvliegen in 1960. Een van de bekenste voorbeelden van “team flying” komt uit 1994, waarbij 3 Duitse piloten op het podium stapte met een gelijk aantal punten. Er zijn op internationaal niveau diverse pogingen ondernomen om d.m.v. regels het “team flying” te beperken of te reduceren.
Lead and Follow of
Gaggle
Een groepzweefvliegtuigen die dezelfde thermiekbel delen wordt een Gaggle genoemd. Daarbij kan een ervaren pilot de leiding (Lead) nemen en de minder ervaren piloot/piloten zijn dan de volgers (follow). De rest van dit artikel zal hier over gaan, omdat dit het meest dichtbij komt wat ik in Frankrijk ga (mag) ervaren.

Lead and Follow

thermiek close
Een spectaculaire foto van een “gaggle” …..
Uit het lezen van de diverse atikelen blijkt dat niet iedere piloot geschikt is voor het vliegen met “Lead and Follow. Durf je de leiding aan een ander over te geven? Een andere piloot kan een andere beslissing nemen voor jou! Het is een kwestie van geven en nemen, maar het plezier in het zweefvliegen moet voorop blijven staan.

Het is belangrijk om achteraf, na de vlucht, te discuceren over bepaalde belissingen van de vlucht. Het geven van feedback, maakt een volgende vlucht beter.

Het is verstandiger enige afstand te bewaren tussen de lead en follower. Dit geeft meer rust bij het elkaar in de gaten houden. Dit geeft de leader ook meer de ruimte om zich te consentreren op het geen dat voor hem ligt.

Normaliter vliegt de ervaren piloot voorop, zodat de thermiekbel optimaal benut wordt.
In een trainingsvlucht is het ook denkbaar dat de minder ervaren vlieger voor vliegt, om zo ruimte te krijgen om zijn keuzen en overwegingen te maken. De ervaren piloot kan ten alle tijden overnemen.

Randvoorwaarden

Er zijn wel enige randvoorwaarden te noemen, om Lead and Follow vliegen tot een succes te maken.

  • Gebruik, qua prestatie, gelijkwaardige vliegtuigen
  • De vliegers moeten bij elkaar passen. Geldt ook voor instructeur / coach en leerling.
  • Er moet wederzijds vertrouwen, respect en zelfbewust zijn aanwezig zijn.

Je moet je er op instellen dat je door een ander op je successen, maar zeker op je fouten gewezen wordt. Dit kan ook voor de ervaren piloot gelden! Het is een mooie oefening in “Human factors”, om elkaar aan te corrigeren en aan te vullen. Uit eindelijk komt het er op aan om te kunnen “geven en nemen”…….

Uitvoering

Een aantal praktische punten waar je aan kunt denken, zijn:

  • Kijk zoveel mogelijk naar buiten! Je vliegt dicht bij elkaar. Denk aan “See and Avoid”.
  • Spreek met elkaar een bepaalde snelheid af. Als de omstandigheden veranderen, spreek dan nieuwe snelheid af. Zo voorkom je dat er te grote afstand tussen elkaar ontstaat, waardoor meen elkaar mogelijk kwijt raakt.
  • Degene die voor vliegt (leader), geeft de richting aan (links/ rechts) bij de keuze een thermiekbel aan te vliegen. Dit om een mogelijke botsing te voorkomen.
  • Dit geldt ook als er meer afstand is tussen de vliegtuigen. De “follower” weet in ieder geval de draai richting van de voor vlieger
    en weet hoe hij/zij de de aankomende thermiekbel kan aanvliegen.

  • Bespreek een plan voor de start. Plannen kunnen gedurende de vlucht gewijzigd worden, maar je start in iedergeval met een plan!
  • Gebuik allebei het zelfde kaartmateriaal. Dit vereenvoudigd de bespreking bij “wijziging koers”.
  • Discusceer na de vlucht en niet tijdens de vlucht. Geef elkaar feedback over wat goed en verbeterd kan worden. Dit kan als input dienen voor de volgende vlucht.
  • Het is verstandig om achter elkaar te vliegen, waarbij de voorste piloot is hoger vliegt dan de twee piloot. De eerste piloot kan zichconcentreren op het geen voor hem/haar is. Het is ook eenvoudiger de tweede piloot, onder hem te spotten en in de gaten te houden.
  • Naast elkaar vliegen wordt door wedstrijdvliegers gebruikt om (bijv bij blauwe thermiek) de kansen te verhogen om thermiek te vinden.

Radio Communicatie

Belangrijk is om RT fraselogie te kiezen, die op één manier uitlegbaar is.
Bij team flyingis RT fraselogie nog belangrijker, dan bij Lead and follow, omdat je dichter bij/naast elkaar vliegt.

Een belangrijke regel is:
Vlieg eerst je eigen vliegtuig, kijk uit, bedenk wat je wilt zeggen, zeg het dan.

  • Spreek voor de vlucht een frequuentie (en een alternatief af).
  • Gebruik enkel de voornaam van de andere piloot. Op den duur herken je elkaar de aan de stem.
  • De voorste vlieger geeft aan “links’ of ‘recht’, als hij/zij de thermiek in vliegt, zodat de tweede piloot goed kan volgen een een botsing voorkomen kan worden.
  • De thermiekbel verlaten zonder waarschuwing is vaak niet afdoende.
  • Spreek langzaam. Je wint geen tijd, als je iets twee keer moet herhalen.
  • Spreek zo min mogelijk. Geef alleen belangrijke/nuttige info door.
  • Gebruik geen combinaties als “niet goed”. Als de send-knop te laat wordt ingedrukt wordt het “goed”….

Sterke punten

Een aantal sterke punten van het Lead and Follow vliegen op een rij:

  • Samen beslissingen (kunnen) nemen
  • Minder stressvol in het nemen van beslissingen
  • tweede vario naast je en een extra 50m spanwijdte (uitgaande van een veilige afstand tussen 2 zweefvliegtuigen) om thermiek te vinden.
  • Beperk de kans op een buitenlanding
  • 4 ogen zien meer dan 2 ogen.
  • Meer ontspanning in het vliegen. In geval van spanning kan de ander de lead nemen.

Zwakke punten

En natuurlijk er ook zwakke punten te benoemen van het Lead and Follow vliegen:

  • Als karakters elkaar niet kunnen aanvullen.
  • Het is een nadeel, als je elkaar mentaal niet kunt aanvullen/opbouwen.
  • Een pure solist is alleen beter af…….

Het is een middel

Het lead and follow vliegen is niet zaligmakend, maar lijkt me wel een goed middel om bij te dragen aan je persoonlijke ontwikkeling. Lead en Follow vliegen is misschien net zoals GPS en winglets.
Je kunt heel goed zonder, als je ze tot je beschikking hebt kan het een goede bijdrage zijn tot beter vliegen.

Ik zie er naar uit om het Lead and Follow principe toe te (leren) passen in de Franse Alpen.
Ik hou jullie op de hoogte!

No responses yet

jul 15 2010

Voorbereiding Bergvliegen 2010 – Serres

Publicatie van in Bergvliegen

logo_qv_new Dit jaar gaan we, Rene en ik, naar vliegveld Serres. Dit is het thuisveld van Klaus Ohlmann, waar we vorig jaar 1 dag te gast zijn geweest. Op zijn website Quo Vadis kun je alles over Klaus en Serres vinden. Vorig jaar konden we na een bijzonder spannendere vlucht niet meer terug naar ons veld in Vinon. Via de radio hebben we advies van Klaus gehad hoe we het beste van st. Crepin naar Serres te vliegen. Om 19:00 weg bij st. Crepin en rond 20:15 geland op Serres. Elke berg, die volgens Klaus nog stijgen moest geven, deed het. We werder gastvrij ontvangen en konden in een chalet overnachten. Ook de meteo briefing van Klaus op de volgende dag , die meer dan één uur duurde, was zeer interresant. Dit heeft ons doen besluiten om dit jaar meer ervaring op te doen vanaf het veld Serres.

Kaarten

Als eersten maar eens actuele kaarten aangeschaft. Via de webshop van Quo Vadis zijn de kaarten en een boekje over buitenlandings velden te koop. Na betaling via internet bankieren zijn de kaarten binnen 3 dagen binnen. De kaarten even scannen, zodat ik uitsneden ervan kan maken met aantekeningen erbij.

Buitenlandingsvelden

Wat ik in de afgelopen jaren geleerd heb van mijn vliegmaat, is om van veld-naar-veld te vliegen. Zo ben je altijd binnen glijbereik van een landingsplek! In de bergen is niet elke landingsplek een vliegvliegveld. Daarom is er een net boekje gemaakt van mogelijke velden, die ook vermeld staan op de eerder genoemde vliegkaarten. Elke veld heeft een nummer en via dit nummer kom je in het boekje bij de beschrijving van het veld.
Nou kan het van jaar tot jaar verschillen dat een boer of prive eigenaar zijn land wel of niet beschikbaar stelt. Bestudering is dus geen overbodige luxe. Een snelle indruk geeft aan:

  • 2 velden vervallen: Noyers sur Jabron (nr 0), Chabottes (nr 33),
  • 1 nieuw veld: Envie (nr 80)
  • Bij diverse velden staat “pre-walking inspection recommended”.
    Zal er wel niet voor niets staan……

Een voorbeeld van zo’n bladzijde uit het boekje (links) en een buitenlandingsveld op de kaart (rechts), staat hieronder weergegeven.

montmaur 14 kaart 14

Hoe het er nu in werkelijkheid uit ziet, want zwart-wit foto’s zijn ook niet van gisteren, kun je met Google-Earth (of Maps) zien. Even onder in de hoek kijken, hoe actueel het kaartmateriaal is…. Gelukkig: 2010.

googlemaps 14 googlemaps 14 detail

Ik realiseer me: “Dit ga je niet doen voor alle 80 buitenlandings velden….” Zelf heeft het me wel geholpen bij mijn vluchten op vreemd grondgebied. Dus voor het gebied dat ik ga vliegen, ga ik me wel zo voorbereiden, maar wel op kleine schaal…

Keerpunten bestand

op de website van Wordwide Turnpoint Exchange zijn de keerpunten van Puimoisson te vinden. Het keerpunten bestand bevat de buitenlandingsvelden van de Franse Alpen. Voor de meeste type loggers/PDA (Seeyou, winpilot, cambridge, Zander) is een bestand beschikbaar. Op de website van een overland vlieger las ik een methode om de landingsvelden te nummeren overkomstig de nummers(pagina’s) in het buitenlandingsboekje. Een kleine moeite om de teksten bij te werken in het keerpuntenbestand (cambrigde formaat).

Franse Luchtruim

logo_fr_aip Het bestuderen van het Franse luchtruim kan door de Auronatical Information Publication (AIP) Gids te raadplegen. Daarnaast heeft zweefvliegclub Vinon een goed “Welcome document” gemaakt, waarin het luchtruim in de Franse Alpen goed besproken wordt. Ondanks dat ons veld “serres” is, blijft dit document een leuke bron qua voorbereiding. Zeker als het gaat om het luchtruim.

Ventus 2cT gaat mee

ventus We gaan dit jaar met drie vliegers naar Serres. De ventus 2cT van SFG Duisburg en de DuoDiscus T gaan mee. Op de foto van vorig jaar, met Uwe Berend als piloot, van een Ventus 2.

Literatuur

Er zijn een aantal interessante documenten over het bergvliegen op het internet:

  • De praktijk van het bergvliegen – D. Timmerman
  • Bergvliegen – Een risico? (Duits)
  • Uber sicheres Alpen Segelfliegen (Duits)
  • Zuurstofgebruik in de bergen – Kees Hordijk
  • Vinon Soaring – Welcome document (Engels)
  • No responses yet